Wat een week ... CD
KEITH EMERSON BAND - KEB (2008)
Met enige twijfel ...
... bestelde ik deze release van 'good old' Keith Emerson bij Beyond Rock. Emerson had zich na het einde van ELP met name bezig gehouden met het componeren van overigens prima filmmuziek en op klassieke leest geschoeide pianostukken en nu zou er weer sprake zijn van progres- sieve rock. En op dat punt was immers alles wel gezegd door het beroem- de trio. De twijfel die mij daardoor bekroop bleek echter onterecht.
Emerson heeft hier opnieuw de samenwerking gezocht met gitaarvirtuoos Mark Bonilla, die ook al meedeed aan ELP-tributes en al eerder met hem live optrad. En dat pakt uitstekend uit. Grofweg kunnen we spreken van het typische ELP-geluid aangevuld met vrij dominante elektrische gitaren en bijbehorende solo's. Iets wat het illustere trio nooit deed. Daar bleven de partijen beperkt tot de akoestische gitaar.
Bovendien is het Emerson en Bonilla gelukt sterke melodieuze tracks neer te zetten waarbij Emerson voldoende ruimte overhoudt om, zoals vroeger ook gebruik was, gecalculeerd te 'freaken' op zijn toetsenarsenaal. En het album is goed in balans door de afwisseling van zwaardere tracks, zoals de meester zelf zegt "grand conceptual pieces", met lichtere stuk- ken. En natuurlijk de verschillende stijlen die hij toepast van rock, tot klassiek met vooral referenties aan Bach en Satie, tot boogie woogie tot symfo.
Keith Emerson heeft mij verrast met dit nieuwe rockalbum en toont aan dat hij dit metier geenszins verleerd is. Hij is nog steeds de meester van de bombastische progrock, trekt zich van niemand wat aan en heeft nog immer die ondeugende blik in dat gek genoeg weinig ouder wordende gezicht. Weliswaar net niet te vinden in mijn Jaarlijst 2008 maar desalniet- temin een uitstekende 'comeback'. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 52, we zijn er doorheen)
Wat een week ... CD
MAESTOSO - Grim (2005)
Verrassend vreemd ...
... zou ik dit album van de band Maestoso - met ex-Barclay James Har- vest's Woolly Wolstenholme als aanvoerder - willen noemen. Als er 'File Under BJH' op de hoessticker staat, verwacht je het soort muziek dat BJH ook maakte: vaak, vooral in de beginperiode, compositorisch sterke werk- stukken met veel symfonische elementen; later saaie 'middle-of-the-road' muziek. Dat laatste is op 'Grim' gelukkig nergens te vinden.
Wat biedt Maestoso dan wel? Relatief rustige, vooruit, symfonische rock met onverwachte songstructuren, rare geluiden, een lichte Canterbury-toets en veel folkelementen. De folksfeer wordt ingegeven door de bezetting met o.a. mandoline, 'singing saw', 'bull fiddle' en veel akoestische gitaren ge- speeld in de typische en traditionele zettingen die de folk rijk is. En, wat een verademing, slechts zelden refererend aan BJH.
Het zijn de verrassingen die mij steeds weer op het verkeerde been zetten. Je denkt in een gebruikelijk rockritme en bijbehorend stadstempo terecht te zijn gekomen en dan ineens vertoef je door de lieflijke geluiden en traditionele instrumentatie op het platteland, aan de bosrand, daar waar de vogeltjes fluiten, de varen welig tiert en de paddestoel het mos door- spietst. Dat zijn zo'n beetje de uiterste locaties die de vijftien uitstekende tracks bereiken.
Woolly Wolstenholme heeft met Maestoso gekozen voor 'terug naar de basis'. Weg van de bombast, de sterrenstatus en de grote zalen hervond hij het plezier van muziek maken en vooral de vrijheid van componeren. Want gek genoeg componeerde hij bij BJH maar weinig. Dat waren toch maar een slordige twintig tracks van zijn hand, zo leert Wolstenholme's eigen website. Die vrijheid gaat hem in ieder geval goed af en hij leverde met 'Grim' een uitstekend en curieus album af dat in 2007 werd gevolgd door 'Caterwauling'. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 51)
Wat een week ... CD
KING CRIMSON - In The Wake Of Poseidon (1970)
"Het origineel is beter"...
... zou je kunnen zeggen van de opvolger van 'In The Court Of The Crim- son King' (zie WeekCD 2007-23). Ieder nummer kent een parallelle song op het album, waarmee Robert Fripp en de zijnen een jaar eerder glorieus debuteerden. Dus ook op 'Poseidon' die enorme variatie in sfeer, dyna- miek, ritmiek en een prominente rol voor de mellotron. Dit laatste bijvoor- beeld in het prachtige titelnummer, dat gelijkenis vertoont met 'The Court Of The Crimson King', maar wat geeft het!
Erger was het feit dat de band ten tijde van 'Poseidon' aan het desintegre- ren was. De één na de ander verliet het collectief, waarvan uiteindelijk spil Robert Fripp eenzaam achterbleef. Greg Lake (bas en zang) bijvoorbeeld: hij begon samen met de toetsenist van The Nice en met drummer Carl Palmer een aardig trio. Niemand gaf nog een cent voor het voortbestaan van King Crimson. Maar uiteindelijk zou de band, weliswaar in velerlei ge- daanten, voortleven tot op de dag van vandaag als een bolwerk van creati- viteit en experimenteerdrift.
Ondanks alles werd 'Poseidon' toch nog een succesvol album, waarvan het bizarre 'Cat Food' zelfs de status van hitsingle bereikte. Peter Swart (wat een week 51)
Wat een week ... CD
KLAUS SCHULZE & GERRARD - Farscape (2008)
Wisselende stemmingen ...
... roept deze collaboratie tussen Klaus Schulze en Dead Can Dance' Lisa Gerrard op. Vond mijn vrouw het donderdagavond "lekkere muziek", de avond erna vroeg zij "Is dit dezelfde muziek als gisteren? Het irriteert me". En de irritatie zat hem met name in de Oosterse sferen die Lisa Gerrard door haar uithalen en huilerige gezang oproept. We leven weliswaar in een multi-culturele samenleving maar naar die sfeer moet inderdaad je hoofd staan ...
Desondanks vind ik 'Farscape' een goed album en een prima experiment om zang en de vele elektronica van Schulze bij elkaar te brengen. Schul- ze die op zijn beurt prachtige sequences en warme klanktapijten neerlegt in de tracks 'Liquid Coincidence 1-7', die elk gemiddeld 20 minuten duren. Mijn favoriet is 'LC 4' waar de synths zo heerlijk op de achtergrond doorzoe- men en rommelen en 'LC 1' waar gaandeweg een sterk ritme, doorgaans een van de unieke punten van Schulze's elektronische muziek, op drums ontstaat.
Er is inmiddels ook een DVD uit, 'Rheingold' getiteld, met een live concert van dit gelegenheidsduo, met overigens andere composities. Ik heb een stukje gezien en als er iets is wat zich niet leent voor een DVD is het de 'performance' van Schulze wel. Hoewel het intrigerend is deze levende legende bezig te zien, is het uiteraard statisch en slaapverwekkend. Nee, geef mij de muziek op 'Farscape' zonder begeleidend beeld maar. Dat is meer dan genoeg en houdt de illusie in stand. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 50)
Wat een week ... CD
VAN DER GRAAF GENERATOR - Pawn Hearts (1971)
Genesis en VDGG trokken gelijk op ...
... tijdens hun opbouwjaren. Charisma had begin 1971 beide bands uit haar stal op tournee door de UK gestuurd, tezamen met het toen populaire Lindisfarne. Deze laatste zou al spoedig overvleugeld worden door de ande- ren. VDGG was zeker de meest progressieve van het drietal: een gedurfde bezetting bracht gedurf- de muziek met een grote experimenteerdrang. Van stille lyriek rond de breekbare stem van voorman Peter Hammill tot bomvolle ´chaos´, waarbij de luisteraar al gauw de draad kwijtraakt, die pas na vele luisterbeurten gevonden wordt. Maar dan heb je ook wat!
´Pawn Hearts´, opvolger van 'H To He Who Am The Only One' (zie Week- CD 2007-39), heeft dit allemaal. Opgenomen na de Charisma-tour, aanvan- kelijk onbegrepen in het thuisland, maar opgepikt in Italië waar het de eerste plaats in de hitlijst bereikte. Slechts drie nummers kent het album, waarvan 'A Plague of Lighthouse Keepers' de hele B-kant van de elpee vulde.
Van Hammill's teksten begrijp ik doorgaans geen snars, maar om in te zien dat het literaire hoogstandjes betreft is dat helemaal niet nodig. De beklemming van 'Lighthouse' is drukkend, het isolement van de vuurtoren- wachter, zijn zicht op de mist waarin de schepen hun hoorns laten klinken vooraleer ze vergaan (en nu maar hopen dat deze oppervlakkige interpre- tatie klopt).
Eind 1971 was de balans van de Charisma-bands rooskleuriger dan aan het begin. Zowel Genesis als VDGG waren aan de voet van hun topperiode beland. Peter Swart (wat een week 50)
Wat een week ... CD
RICK WAKEMAN - Journey t/t Centre o/t Earth (1974)
Een gemakkelijk doelwit ...
... voor kritici van symfonische rock, dit tweede solo-album van de toen- malige Yes-toetsenist Rick Wakeman. Het heeft alles dat de afkeer van het genre bij velen opriep: bombastisch, pompeus, theatraal, overdreven, een ster in een glittercape temidden van een groot orkest en dito koor, een onrealistisch conceptverhaal. En eerlijk gezegd, als ik het vrouwen- koor "crocodile teeth, lizard's head" hoor zingen bij het gevecht tussen de prehistorische monsters diep in de krochten der Aarde, dan beluister ik dat met gekromde tenen. En dan die dominante Mini-Moog die boven het orkest uitkomt ... en de solozangers ...
Maar de muziek, een verbeelding van Jules Verne's gelijknamige roman uit 1864, kent toch ook mooie momenten. Vooral op de rustiger A-kant. Daar weten keyboards, orkest en koor een sfeer op te roepen waarbij het heerlijk wegdromen is bij de avonturen van professor Lidenbrock, die via een IJslandse vulkaankrater afdaalt richting het middelpunt der Aarde.
Wakeman heeft mogelijk troost gevonden in de fantasieën van Jules Verne tijdens zijn worsteling gedurende de 'Tales of Topographic Oceans' periode (zie WeekCD 2008-2). En mooi voor hem: op de dag dat hij het verzoek tot deelname aan de repetities van Yes voor 'Relayer' definitief afwees, kreeg hij een telefoontje van A&M met de mededeling dat 'Journey' de eerste plaats op de hitlijst had bereikt. Peter Swart (wat een week 49)
Wat een week ... CD
LUCIANO BASSO - Voci (1976/2007)
Na jaren eindelijk uitgebracht op CD ...
... dit pareltje uit de Italiaanse symfonische hoogtijdagen. Een album dat ook in die tijd al onderbelicht bleef en het lijkt erop alsof de uiteindelijke release op CD (bij BTF) wederom aan de aandacht ontsnapt. Volkomen onterecht. Het doet de prachtige hoes en de al even uitstekende muziek tekort.
Luciano Basso, nog steeds actief als klassiek pianist en maker van filmmuziek, is een begenadigd toetsenist en bracht met 'Voci' ooit op klassieke leest geschoeide symfo met referenties aan PFM maar in de rustiger, repeterende passages associërend met kamermuziek en vooral met de avant-garde muziek van Philip Glass en Steve Reich. Prachtig uitgevoerd met viool, cello, piano, synths, mellotrons, gitaar en contrabas. Boven het maaiveld komen de tien minuten van 'Promenade 1' en Prome- nade 2' en het spannende titelnummer.
Ik las ergens dat als de leden van ELP de muziek van Basso eerder had- den kunnen horen ze hun muziek hoogstwaarschijnlijk wat minder bom- bastisch zouden hebben gemaakt. Onzin natuurlijk, hoewel het wel aan- geeft wat Basso in die tijd voor muziek maakte: ingetogen symfo. In die- zelfde sfeer schijnt het album 'Cogli Il Giorno' uit 1978 te liggen. Ook dat werkstuk moet maar eens worden opgespoord. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 49)
Wat een week ... CD
STRAWBS - Broken Hearted Bride (2008)
Eén van hun beste albums tot op heden ...
... en dat lijkt mij een groot compliment voor een band als Strawbs die al 'eeuwen' aan de weg timmert, haar hoogtepunt leek te hebben in de jaren 1969 tot 1979 met ijkpunten als 'From the Witchwood' (1971), 'Grave New World' (1972), 'Hero and Heroine' en 'Ghosts (beide uit 1974) maar ook daarna zeer acceptabel materiaal afscheidde. En dan nu weer in de succesbezetting, en dat is te horen, met David Cousins, Dave Lambert, Chas Cronk en Rod Coombes.
Het album opent Gabrielesk en direct met een hoogtepunt - men legt de lat hoog - getiteld 'The Call to Action' dat later op het album in een 'Replay' enigszins gemodificeerd terugkeert. Met melodische invloed vanuit het Midden-Oosten, een excellerende Ian Cutler op elektrische viool en David Cousins die zingend schreeuwt en kreunt, 'over the top' maar perfect passend bij de sfeer.
Een ander hoogtepunt vormt het titelnummer dat handelt over terrorisme en zelfmoordaanslagen, de meest symfonische compositie is en met veel intensiteit en vakmanschap wordt gebracht. Als ik eerlijk ben is bijna iedere track raak, de prachtige melodie van 'Too Many Angels', het piano georiënteerde en sterke 'Deep In The Darkest Night' en ga zo maar door. Minpunt vormt echter het verschrikkelijke 'Christmas Cheer', dat zo wat een discoritme heeft met een koor en chorus over het randje van de gladde pop.
Maar een kniesoor die daar moeilijk over doet gezien de uitermate hoge kwaliteit van de andere tien tracks. 'Broken Hearted Bride': een zekerheid in de eindejaarslijst, ongetwijfeld. En als ik naar de heren kijk dan zou dit best weleens hun laatste album kunnen zijn... Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 48)
Wat een week ... CD
JAN AKKERMAN & KAZ LUX - Eli (1976)
Oude tijden herleefden ...
... toen gitarist Jan Akkerman en zanger Kaz Lux elkaar vonden in het project 'Eli'. De twee waren nog vóór 1970 dé blikvangers van Brainbox, en dankzij de bijdragen van Pierre van der Linden op drums was er bijna sprake van een heuse reünie. Na Brainbox speelde Akkerman de sterren van de hemel in Focus om enkele jaren later te beginnen aan een solo-carrière. Ondertussen vulde hij met zijn spel de plaatjes van talloze arties- ten. Kaz Lux was direct al na Brainbox het solo-pad opgegaan. De her- nieuwde samenwerking met Akkerman werd een artistiek en commercieel hoogtepunt in zijn carrière: 'Eli' zou het duo zelfs een gouden plaat ople- veren.
Op muzikaal gebied gaat de vergelijking met Brainbox echter totaal niet op. 'Eli' is een ingetogen werk waarbij Kaz Lux voor het verhaal inspiratie had gevonden in het werk van de 19e-eeuwse Zweedse (toneel)schrijver August Strindberg. Eli de houthakker kent dromen die hem wegvoeren van het harde arbeidersbestaan. Met zijn donkere sfeervolle stem weet Lux een prachtige, wat zwaarmoedige, sfeer op te roepen, hierbij ondersteund door het vakmanschap van Akkerman.
Verwacht geen spetterende solo's, maar wel veel mooie akkoorden en rustgevend 'getokkel' (wat klinkt dat oneerbiedig). Het zal wel jazz-rock zijn, maar dan van een intieme, persoonlijke soort. Jammer dat de paden van de heren elkaar in latere tijden niet meer gekruist hebben. Peter Swart (wat een week 48)
Wat een week ... CD
PENDRAGON - Pure (2008)
"Still going strong" ...
... dat is mijn gevoel bij dit uitstekende nieuwe album van Pendragon. Barrett en Nolan en consorten draaien natuurlijk al enige decennia mee, hebben succesvolle en mindere tijden gekend en besloten met de release van 'Believe' in 2005 het roer om te gooien. Hoewel dat maar zeer betrek- kelijk was, was wel te horen dat Pendragon moderner wilde klinken, verder af ging staan van de traditionele symfonische rock en zelfs 'samples' intro- duceerde. Deze lijn wordt doorgezet op 'Pure'.
Een ander spoor dat wordt gevolgd is dat Pendragon ook harder en steviger gaat klinken, met name in het gitaarspel van Barrett. Niet dat hij de prachtige, melodische solo's veronachtzaamt. Luister maar naar de zeer sterke opener 'Indigo', een track die alle oude en nieuwe elementen bevat en waarin Barrett minutenlang soleert op een wijze en met een aanslag en 'sustain' die mij doen denken aan Andy Latimer en Camel. Maar daar- naast verwerkt de band her en der ook tegen de metal aanzittende gitaar- riffs en dat hadden we nog niet eerder gehoord. En, niet onbelangrijk, Pendragon weet de aandacht gevangen te houden, en dat was bij eerdere albums weleens anders.
'Pure' is een fris album waar aan de ene kant de ervaring vanaf druipt en aan de andere kant de drang om niet stil te blijven staan aan is af te lezen. De benadering die ook Marillion volgt. Een verstandige keuze want de band die ophoudt met leren, houdt op te bestaan. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 47)
Wat een week ... CD
GANDALF - Gallery of Dreams (1992)
De Tolkien-hype van de afgelopen jaren ...
... had zijn voorlopers in de zestiger- en zeventiger jaren. Fans noemden hun hond Frodo en hun zeilboot Stapper. De Oostenrijkse multi-instrumen- talist Heinz Strobl noemde zichzelf Gandalf en produceerde vanaf 1981 tot op heden een hele ris albums. Dromerige instrumentale muziek met symfo- nische invloeden. 'Gallery of Dreams' is een must voor symforockers, want niemand minder dan Steve Hackett heeft intensief aan het album meege- werkt. Op zowel elektrische als klassieke gitaar laat Hackett van zich horen, waarbij hij zich volledig in dienst stelt van Gandalfs composities. Overigens krijg je nergens het gevoel naar een typisch Hackett-stuk te luisteren.
De muziek kabbelt sfeervol en rustgevend door, met hier en daar erupties van gitaar en percussie. Klassieke invloeden komen vooral tot uiting in het spel van piano, klassieke gitaar en blaasinstrumenten. Het beeldende karakter van de composities wordt versterkt door een klein fantasy-verhaal.
Ik heb Gandalf zien optreden als voorprogramma van 'The Musical Box' waarbij de artiest, omringd door gitaren en keyboards, in zijn eentje handen tekort kwam. Dan toch liever op de plaat met assistentie van deze en gene. Peter Swart (wat een week 47)
Wat een week ... CD
MARTIN ORFORD - The Old Road (2008)
Stoppen met muziek maken ...
... dat is wat toetsenist en voormalig lid van Jadis en IQ Martin Orford besloten heeft. Albums uitbrengen is immers parels voor de zwijnen die downloaden. Maar wat zou Orford een technische en compositorische kwaliteiten in de prullenbak gooien als hij volhardt in deze door frustratie ingegeven beslissing. En wat zou het jammer zijn als we in de toekomst niet meer kunnen genieten van releases als 'The Old Road' waarop tradi- tionele symfonische rock de boventoon voert.
Ik mag Orford wel, een integer mens die een lans breekt voor tradities en voor het oude Engeland en die cricket, het landleven en de pub verheer- lijkt. Wars van nieuwe ontwikkelingen - hij heeft bewust geen website - sluit hij zijn ogen voor onvermijdelijkheid. En dat vind ik wel sympathiek. Zo laat hij maatje John Wetton in het geweldige titelnummer uitdra- gen 'That's why we're taking the old road, to rediscover things we'd taken for granted' en 'back to where the seeds of wisdom were planted, leaving the race forever and reject the modern way'.
Iedere track is raak met prachtige melodieën, vernuftige structuren en hoge muzikaal-technische kwaliteit. Orford heeft gesteund door o.a. John Wetton, John Mitchell (IQ), Gary Chandler (Jadis), Dave Meros, Nick d'Virgillio (beiden Spock's Beard) en Steve Thorne een knap album neer- gezet dat bij mij veel beter scoort dan voorganger 'Classical Music and Popular Songs' uit 2000.
Kom op Orford: treedt weer toe tot een band voor je basisinkomsten en boor je zakelijke creativiteit aan om solo actief te kunnen blijven. Zet een website op - dat oude Engeland blijft echt wel bestaan - en vraag de fans á la Marillion om een donatie voor een volgend album. Ik zal de eerste zijn die geld stort en misschien vind je in ProgLog AFTERglow wel een spon- sor ... Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 46)
Wat een week ... CD
TODD RUNDGREN - Todd (1974)
Prog 'avant la lettre' ...
...van een doorgewinterde Amerikaanse muzikant, die eind zestiger jaren actief werd en nog altijd muziek maakt. Een eigenzinnig artiest, die zich moeilijk in een hokje laat plaatsen, al zult u hem in de plaatselijke disco- theek wel onder de algemene noemer 'rock' terugvinden.
Rundgren schuwde het experiment niet en op zijn dubbelelpee 'Todd' gaat hij hierin zeer ver. Na het volledig elektronische 'The Spark of Life', een intrigerend, onstuimig en beklemmend werkstuk waarbij het lijkt alsof een dier gewurgd wordt, laat hij zich bestraffend aftikken met de woorden "no no no, a little more humanity please!", waarna Rundgren vervolgt met een humoristisch toegankelijk popliedje.
Het is die variatie die 'Todd' tot een bijzonder album maakt. Originele vondsten op synthesizers weten een bij wijle bizarre atmosfeer te schep- pen, waarna mooie popsongs de balans herstellen. In dat opzicht doet de plaat mij denken aan 'Kid A' van Radiohead (zie weekCD 2008-24). Maar dat werk dateert wel van 26 jaar later. Peter Swart (wat een week 46)
Wat een week ... CD
STREAM OF PASSION - Live in the Real World (2006)
"Ik wou dat ik erbij geweest was"...
... kun je weleens denken als je een live-album beluistert. Zo ook hier: het geluid is prima, de spelvreugde groot en het publiek enthousiast. In 2005 richtte Arjen Lucassen Stream of Passion op. Hij bood hiermee aankomen- de musici in het metal/gothic-genre de kans zich te profileren, en bood zichzelf een platform om de muziek van zijn Ayreon-projecten live te brengen.
En zo stond er een internationaal gezelschap op het podium met als mid- delpunt de Mexicaanse zangeres Marcela Bovio. Haar wachtte geen gemak- kelijke taak, daar Lucassen zich bij voorkeur laat omringen door een menigte vocalisten. Maar Marcela bracht het er verdienstelijk van af, al is het prettig dat gastzanger Damian Wilson haar tijdens het 'Electric Castle' -gedeelte ondersteunde.
Hoogtepunten in Lucassen's muziek blijf ik persoonlijk vinden in de instru- mentale passages, met op dit album bovenal zijn schitterende gitaarduet- ten met de mooie Zweedse Lori Linstruth. Dat het (mannelijk) publiek bij het voorstellen "Lori, Lori" blijft galmen geeft nieuw voer aan de gedach- te "was ik er maar bij geweest".
Stream of Passion moet het inmiddels alweer zonder de meester stellen. De band bleek sterk genoeg om op eigen benen verder te kunnen en Ayreon (zie WeekCD 2008-8) begon weer alle aandacht op te eisen.
Peter Swart (wat een week 45)
Wat een week ... CD
H - Ice Cream Genius (1997)
Hogarth's stem gaat er niet op vooruit ...
... althans als ik naar de nieuwe Marillion dubbelaar luister, een album dat overigens vele malen beter lijkt te zijn dan zijn voorganger maar daarover later meer op ProgLog AFTERglow. Hogarth heeft geen stembereik; hij schiet wel van laag naar hoog maar er zit geen kracht achter en zijn stem heeft geen diepte. Als ik naar 'Ice Cream Genius' luister dan zat er tien jaar terug toch meer power in de vocalen van Hogarth.
Deze solo-escapade van Hogarth is ooit wat aan de aandacht ontsnapt en werd enigszins schamper ontvangen. Onterecht, want het album bevat een aantal ijzersterke composities zoals 'The Evening Shadows' en 'The Deep Water' en alles wordt technisch zeer goed uitgevoerd. Maar wat wil je ook met gastbijdragen van Richard Barbieri, Steve Jansen en Clem Burke om er maar een paar te noemen.
Ik herinner mij nog dat de kritiek was dat het gebodene te ver af stond van wat Marillion deed - maar ja je maakt tenslotte niet voor niets een solo-album - en teveel in de richting van een Indie-sound ging. Gek genoeg is Hogarth's band Marillion uiteindelijk ook in die richting terechtgekomen. Zou Hogarth's invloed dan zo groot zijn? Hoe dan ook 'Ice Cream Genius' was en is een prima album dat ik graag draai. En of dat met Marillion's nieuweling 'Happiness is the Road' ook zo zal zijn ... ik vermoed van wel. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 45)
Wat een week ... DVD
KING CRIMSON - Eyes Wide Open (2003)
De beelden zijn overbodig maar ...
... de muziek is hoogstaand. Ik ben al niet zo'n muziek-DVD kijker, het verstoort voor mij vaak de illusie, het beeld wat je hebt van je favoriete artiest. Bovendien bekruipt mij doorgaans het gevoel "aardig maar je moet er bij zijn geweest". Hier is echter ook nog sprake van visuele overbodig- heid want er gebeurt niets maar dan ook niets op het podium. Natuurlijk beweegt Mastelotto alle kanten op maar dat is inherent aan drummen. En Belew kan nog weleens rare grimassen tonen en op de gitaar rammen. Maar dat is het dan ook wel. En, van een andere orde, dan heb ik het nog niet eens over de ronduit 'shabby' doosjes waarin die dure DVD's door- gaans hangen.
Nee, het moet de muziek én het perfecte geluid zijn die mij enthousiast maken. Fripp, Gunn, Belew, Mastelotto: wat een perfect ingespeeld viertal. Logisch want het kwartet speelt al jaren met elkaar. Fripp speelt al langer samen met Belew dan dat hij ooit heeft gedaan met ikonen uit het Crimson- archief als Lake, Wetton, McDonald en de gebroeders Giles.
Bovendien maakt de band inventief gebruik van de nieuwste technieken. Dat alleen al maakt King Crimson progressief in alle naden en voegen. Ook compositorisch heeft men nooit stilgestaan. Zo laat deze DVD ook horen. Geen tracks uit de beginjaren maar wel uit de derde en vierde gene- ratie Crimson zoals 'The ConstruKtion of Light', 'Happy With What You Have to Be Happy With', 'Elektrik', 'VROOOM' en 'The Power to Believe', opgenomen in Tokyo (2003, disc 1) en Londen (2000, disc 2) aangevuld met wat improvisaties.
De beelden zijn dus statisch en overbodig. Ik ga de muziek dan ook maar snel branden. De plaatjes kunnen mij gestolen worden. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 44)
Wat een week ... CD
JAN AKKERMAN - Jan Akkerman (1977)
"Beter één perfect gespeelde noot ...
... dan een vingerbrekende solo zonder kop of staart". Iets in die trant hoorde ik ooit Jan Akkerman op televisie zeggen, en dat vond ik een indrukwekkende uitspraak voor een meestergitarist, die zowel lyriek als virtuositeit als kerneigenschappen bezit. Na Brainbox en Focus heeft Jan Akkerman een imposante solocarrière opgebouwd die getuigt van een brede muzikale bagage. Het gaat van rock tot klassiek en van blues tot prog.
Het album dat slechts zijn eigen naam draagt is er één in het jazz-rock genre en kent een dusdanige kwaliteit dat het zich moeiteloos kan voegen bij de top van de jazz-rock wereld uit de zeventiger jaren. Melodieuze passages, sfeervolle gitaarsolo's en af en toe gaat de muziek helemaal los, om weer terug te keren tot verstilde momenten met mooi gearrangeer- de strijkers. Met dat laatste roept de muziek bij mij de sfeer in herinnering van de solo-albums van Stanley Clarke uit die jaren. Eigenlijk schande dat het album nog nooit fatsoenlijk geremasterd is. Peter Swart (wat een week 44)
Wat een week ... CD
FRANK VAN BOGAERT - Nomads (2006)
Ongelooflijk dat ...
... een muzikant als Frank van Bogaert niet meer aandacht krijgt in het wereldje dat zich 'progressief' noemt. Komt dat doordat hij met name in de elektronische muziek actief is? In ieder geval doet hij wat mij betreft niet onder voor grote namen op dat gebied die het geluk kenden een hit te scoren (Jean-Michel Jarre) of in een vorig leven al bekend waren (Vangelis met Aphrodite's Child of Patrick O'Hearn bij Zappa).
Met 'Nomads' leverde Van Bogaert zijn zevende album af en naar eigen zeggen zijn meest conceptuele album. Op eerdere albums zoals 'Humans' was al sprake van een geweldige sound maar wat hij hier produktioneel laat horen daar kom ik superlatieven voor te kort. Je gaat onder in het geluid, maakt er deel vanuit, voelt de warmte en emotie om het zelfs na het luiste- ren niet los te kunnen laten. Zijn orkestraties zijn geweldig, de variatie is groot en de ritmes werken aanstekelijk.
Ook compositorisch is dit album rijk. Zoals het stuwende titelnummer met zijn verschillende lagen, voorafgegaan door een veelbeloven- de 'Ouverture', het dramatische 'Aquatopia' met veel piano en het enigszins beangstigende 'Blue Down There'. En 'last but not least' is dit album in een prachtig boekje gestoken, ontworpen door Pablo Magne, maar met een Hipgnosis-achtige schoonheid en mystiek.
Ik omarm de muziek van Frank van Bogaert, zoals ik de elektronische muziek van Klaus Schulze of Patrick O'Hearn omarm. Zij die dat onvol- doende doen weten niet wat ze missen. Wellicht dat ik met deze korte review een bescheiden bijdrage kan leveren aan de verdere ontdekking van deze Belgische muzikant. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 43)
Wat een week ... CD
GENESIS - Nursery Cryme (1971)
Genesis had het moeilijk ...
... na het vertrek van Anthony Phillips, die de spanning en het keurslijf van het bandleven wilde ontvluchten. 'Trespass' had gezorgd voor de doorbraak naar professionaliteit en men moest direct al op zoek naar een nieuwe gitarist en drummer (dan ook maar meteen grote schoonmaak houden). Opvolger 'Nursery Cryme' voldeed, zowel volgens de makers als de kritische Britse pers, niet aan de hooggespannen verwachtingen. De dragende nummers 'The Musical Box' en 'The Fountain of Salmacis' hadden hun wortels in de Phillips-periode, in de verse stukken werd te weinig progressie ervaren.
Desondanks blijft 'Nursery Cryme' heerlijk om naar te luisteren en is het toch ook een zeer bijzonder album: we maken kennis met de eerste gitaarsoli van Steve Hackett, met het energieke drumwerk van Phil Collins, met diens debuut als solozanger ('For Absent Friends'), met de prominente rol die Tony Banks aan orgel en mellotron was gaan toekennen. En dat alles in de sfeervolle setting van Gabriel's magisch realistische verhalen, vol van mystiek en bizarre romantiek.
Dat Genesis zichzelf kritisch nam was te prijzen, maar ze deed zichzelf te kort. Dat bleek toen steun uit onverwachte hoek opdook: in Italië sloeg 'Nursery Cryme' in als een bom, een daardoor uitgelokte tournee in dat land deed alles op zijn plaats vallen en vormde de opmaat voor één der hoogtepunten uit de symfonische rock: 'Foxtrot'. Peter Swart (wat een week 43)
Wat een week ... CD
PETER GABRIEL - Up (2002)
Sober en somber ...
... is het voorkomen en de toon van het album waar liefhebbers tien jaar op gewacht hadden na 'Us'. Sober: je moet uitkijken dat je de cd niet omge- draaid in de speler legt, want elke vorm van informatie ontbreekt; een titelloos boekje, vrijwel geheel in zwart en wit uitgevoerd en zonder de gebruikelijke songteksten. In muzikaal opzicht beperkt gehouden instru- mentatie, ingetogen verstilde arrangementen.
Somber: de prachtige foto's uit het boekje; het zware tapijt dat keyboards, bas en percussie leggen, waarbij de tonen van bassist Tony Levin lijken te vervloeien; de gekwelde zang van de hoofdpersoon.
Peter Gabriel leverde met 'Up' vooral een persoonlijk album af: "This is a personal album, reflecting on the life that grows out of death and recog- nizing patterns and forces at work above and beneath our normal focus." Met name met de koptelefoon op dringt hij zich onweerstaanbaar aan je op, moeiteloos kun je je zowel de jonge voorman van Genesis als de oudere solist voor de geest halen. De luisteraar moet wel enig gevoel voor melancholie hebben, maar wie dat heeft krijgt met 'Up' iets waardevols aangereikt. Peter Swart (wat een week 42)