Three Monks -
Neogothic Progressive Toccatas (2011)
Label: Black Widow Records
Bandsite: http://www.myspace.com/the3monks
Running Time: 55:23
Reviewer: Harry 'JoJo' de Vries
Score: (out of 5 JoJo's)
Maak u een voorstelling van Emerson, Lake & Palmer waarbij Emerson ervoor gekozen heeft uitsluitend en alleen pijporgel, of kerkorgel zoals u wilt, te spelen en we hebben de Italiaanse band Three Monks gekarakteriseerd. Met dien verstande dat Lake z'n mond zou houden want het album is geheel instrumentaal.
Dit kwartet wordt aangevoerd door organist Paolo Lazzeri alias 'Julius' en maakt op 'Neogothic Progressive Toccatas' een barokke muzikale reis langs steden en kathedralen waar beroemde orgels staan. Zoals in Magde- burg waar het beroemde kerkorgel van A. Rebhe door de bombardementen van de geallieerden in WOII vernietigd werd maar in 2009 werd herbouwd. De indrukwekkende openingstrack 'Progressive Magdeburg', waar Lazerri's bombastische maar imposante kerkorgelpartijen de kamer binnenstormen en je na een minuut of acht uitgeput achterblijft, is daarvan een verbeelding. In dezelfde stijl raast 'Toccata Neogotica N.1' voorbij, een muzikale ode aan het door Frans Liszt en Julius Reubher gebouwde kerkorgel van het Duitse Merseburg.
Hoewel het album en de zeven tracks een aanslag zijn op de stilte in huis en je na afloop last hebt van uitputtingsverschijnselen zijn er zeker ook rustpunten. Zoals tijdens de eerste van drie secties van 'Neogothic Pedal Solo' waar het deze keer ingetogen kerkorgel zingende monniken verbeeldt en een mysterieuze, donkere sfeer neerzet.
Laat ik duidelijk zijn. Dit album is geen kost voor tere zieltjes. De muziek teistert de grijze cellen en de trommelvliezen, ook die van je huisgenoten, en de vermoeidheid neemt gaandeweg toe. Een romantisch avondje leent zich hier dan ook niet voor. Maar voor liefhebbers van het kerkorgel en bijvoorbeeld van ELP en Areknames, is 'Neogothic Progressive Toccatas' in zijn soort een uitstekend album. Harry 'JoJo' de Vries (09-2011)
Personnel:
Paolo Lazzeri - pipe organ
Maurizio Bozzi - electric bass
Roberto Bichi - drums, percussion
Claudio Cuseri - drums, percussion
Discography:
Neogothic Progressive Toccatas (2011)
The Devin Townsend Project - Ghost (2011)
Label: Inside Out Music
Bandsite: www.hevydevy.com
Running Time: 72:45
Reviewer: Harry 'JoJo' de Vries
Score: (out of 5 JoJo's)
Devin Townsend is een bijzondere vertegenwoordiger van de progscene. Naast zijn extreme leefwijze die gedomineerd werd door drugs en alcohol - middelen die hij heeft afgezworen omdat ze naar eigen zeggen "zijn geest hadden overgenomen" - maakt hij extreme muziek, avant-garde fusion waarin metal, prog en inmiddels ook ambient zijn verwerkt. Ik heb het luisteren naar Townsend, naar aanleiding van zijn briljante album 'Terria' (2001), weleens een 'hersenspoeling' genoemd. Je weet niet wat je overkomt en beluistering van de geluidsmuur via een headset is al helemaal een shock. Geen muziek voor een romantisch avondje. Ook niet voor herhaalde beluistering in korte tijd. Wel sterk.
In 2009, vlak na zijn wederopstanding, schoon van stimulerende middelen, zijn eigen hersenen ook gespoeld, startte hij met een project dat zou moeten gaan bestaan uit vier albums: het voor zijn doen relatief ingetogen en goede 'Ki' (2009), de aanslagen op de grijze cellen 'Addicted' (2009) en 'Deconstruction' (2011) en nu dan het afsluitende album 'Ghost'. Getooid in een prachtig, kartonnen omhulsel. Helaas is de hoes in de 'jewelcase' stuitend clichématig en a-typisch voor de militante geest van Townsend en beter passend bij bands zoals Iona en Clannad.
Maar het gaat natuurlijk om de inhoud. Ook de dertien tracks op 'Ghost' zijn a-typisch voor de man want er is sprake van ambient music met folkinvloeden. Prachtig gemaakt, met volle synths, veel fluitspel en woodwinds, rustig zoemende gitaren en zelfs de mandoline en banjo duiken op. Het klinkt warm, al doet de wereld van de geesten af en toe een rilling op de arm verschijnen en voel ik een windvlaag, alsof een pop van lucht, het restant van een overleden bekende, achterlangs schuifelt. Warm en koud dus en sterk uitgevoerd.
Toch wat kritiek. Townsend bezit, of wellicht bezat na zijn grote lichamelijke en geestelijke schoonmaak, een militante geest die altijd op zoek is naar muzikale grenzen en anders-dan-anders-composities en -uit- voeringen. Bij zijn uitstapje naar de ambient-music had ik dan ook verwacht dat hij het op een andere manier zou uitvoeren en vormgeven dan artiesten die dit pad vaker bewandelen; dat hij ambient met een twist zou maken. Dat is toch echter sporadisch het geval. Er wordt aan dit muzieksegment door Townsend zeker geen nieuwe dimensie toegevoegd. Onderhoudend is het echter wel, wellicht zelfs voor een romantisch avondje. Hoewel, zie ik daar geen pop van lucht? Toch even oppassen. Voor ik het weet bevind ik mij in het land der zielen. Harry 'JoJo' de Vries (08-2011)
Personnel:
Devin Townsend - guitars, vocals, bass, synth, ambience, banjo
Kat Epple - flute, woodwinds
Dave Young - keyboards, nord synths, harmonium, Ableton Live, mandolin
Mike St-Jean - drums, percussion
Katrina Natale - vocals
Discography:
Ocean Machine (1997)
Infinity (1998)
Christeen (1999)
Physicist (2000)
Terria (2001)
Accelerated Evolution (2003)
Synchestra (2006)
Ziltoid The Omniscient (2007)
Ki (2009)
Addicted (2009)
Deconstruction (2011)
Ghost (2011)
Tohpati Ethnomission - Save the Planet (2010)
Label: Moonjune Records
Bandsite: www.tohpatimusic.com
Duur: 67:35
Reviewer: Harry 'JoJo' de Vries
Waardering: (uit max. 5 JoJo's)
Tohpati is de virtuoze gitarist van de Indonesische band simakDIALOG, waaraan op ProgLog AFTERglow al eerder aandacht werd gegeven. Tohpati Ethnomission - alleen 'Ethnomission' als naam was voldoende en internatio- naal gezien beter geweest - is een 'side project' van hem.
'Save the Planet' laat jazz-rock horen binnen het idioom van The Maha- vishnu Orchestra, maar dan minder complex maar wel met McLaughlin's arpeggio's, Return to Forever, Brand X en daar waar het wat meer 'main- stream' wordt refererend aan het Japanse Casiopea. Ook het repeterende en karakteristieke spel van Robert Fripp heeft Tohpati als voorbeeld ge- diend en is bijvoorbeeld in 'Drama' te horen.
Het interessante is dat Tohpati bij Ethnomission - zoals hij dat ook binnen simakDIALOG doet - invloeden vanuit de Indonesische cultuur verwerkt en naast de gebruikelijke bezetting ook instrumenten uit dat gebied gebruikt zoals de suling (een Sundanese fluit) en Indonesische percussie zoals de kendang en de kenang. Dit leidt niet tot typische traditionele Indonesische muziek - dat zou internationaal onvoldoende aanslaan - maar tot een mooie, warme en avontuurlijke fusion van Westerse jazz-rock en de altijd wat mystieke indosferen.
Het album is geheel instrumentaal - zo hoort het ook bij jazz-rock zou je zeggen - al zijn er wat zweverige klanken te horen van zangeres Lestari in het spannende 'Bedhaya Ketawang' ('Sacred Dance'). Opener en titel- track 'Selamatkan Bumi' en 'Pesta Rakyat' ('Festive People') laten het meest de Westerse jazz-rock horen zoals Brand X dat o.a. deed, waarbij het strakke drummen van de uitstekende Demas Narawangsa mij zeer bevalt. Er is ook ruimte voor experiment - als fusion dat al niet is - in de acht minuten van 'Perang Tanding' ('Battle Between Good & Beast') met veel afwisseling en dynamiek tot ambient passages aan toe.
Tohpati Ethnomission laat met 'Save the Planet' horen dat de Indonesi- sche progressieve scene springlevend is en biedt met simakDIALOG een interessante nieuwe invalshoek door jazz-rock met een indo-twist te maken. Daar zijn er immers niet veel van. Een aanrader! Harry 'JoJo' de Vries (07-2010)
Bezetting:
Tohpati - electric guitar, midi synth guitar
Indro Hardjodikoro - bass guitar
Diki Suwarjiki - suling (Sundanese flute)
Endang Ramdan - Indonesian percussion (kendang, gong, kenong)
Demas Narawangsa - drums, Indonesian percussion (rebana, kempluk).
Discografie:
Save the Planet (2010)
The Tangent - Not as Good as the Book (2008)
Label: InsideOut Music
Bandsite: www.thetangent.org
Duur: 50:46 + 43.57 (94:43)
Reviewer: Arjan Bom
Waardering: (maximum score)
Als je een album van The Tangent koopt heb je, al voordat je de muziek hebt beluisterd, het gevoel dat het een bijzondere uitgave is. Bij alle vorige albums kwam dat door het oogverblindend fraaie artwork van de onvol- prezen Ed Unitsky. Ik kan me echt niet voorstellen dat er mensen zijn die cd's downloaden. Sowieso vind ik dat downloaden een in alle opzichten rampzalig fenomeen, maar dit terzijde. De hoezen zijn wat mij betreft ware kunstwerken die een toegevoegde waarde hebben.
Deze keer gooit The Tangent het over een andere boeg. De speciale editie van 'Not as Good as the Book' bevat een bijna honderd pagina's tellende novelle van Andy Tillison, met illustraties van een zekere Antoine Ettori. In het science fiction-achtige verhaal speelt de progrock een grote rol. Heel veel artiesten en platen die bij de ware progfan in de kast staan, worden genoemd. Met name het album 'Relayer' van Yes heeft een cruciale be- tekenis. Heel vermakelijk allemaal. Andy Tillison zal er de 'Nobelprijs voor de Literatuur' niet mee winnen, maar ik heb veel plezier aan beleefd aan dit extraatje.
Uiteraard gaat het toch vooral om de muziek. The Tangent begon ooit als een project, maar is uitgegroeid tot een echte groep die flink aan de weg timmert. 'Not as Good as the Book' is het vierde studioalbum in vijf jaar tijd, terwijl de band ook al een live cd ('Pyramids and Stars') èn een dubbele live cd/dvd ('Going off on One') op zijn naam heeft staan. Ik vind dat er nog steeds een stijgende lijn zit in de prestaties. Met 'Not as Good as the Book' heeft het geesteskind van Tillison zichzelf overtroffen. Het is een fenomenale plaat die mij nooit verveeld. Een geweldige mix van jaren '70 prog, de Canterbury sound en een eigen gezicht. Erg sterk, ik kan het niet anders stellen. De vorige albums vond ik ook prima, maar er stonden altijd wel wat nummers of passages op die ik irritant vond. En dat is bij dit laatste werkstuk niet het geval, terwijl we toch ruim anderhalf uur muziek voorgeschoteld krijgen.
De eerste schijf opent met 'A Crisis in Mid-Life'. Op het eerste gezicht niet echt een populair thema voor een rockband natuurlijk, maar op de een of andere manier hoort dit wel bij The Tangent. Dit nummer zet meteen de toon. Sterk keyboardwerk van Tillison, een strakke ritmesectie en een aanstekelijke melodie. De sfeer zit er direct in, al vind ik dit eerlijk gezegd niet de sterkste compositie van het album. Dan volgt 'Lost in London (25 Years Later)'. Net als de bijna gelijknamige song van 'A Place in the Queue' heeft dit nummer dat typische Canterbury sausje. Deze nieuwe compositie vind ik alleen veel beter dan de eerste 'Lost in London'. En de kwaliteit van de tracks neemt daarna alleen maar toe. Hoogtepunten van de eerste schijf vind ik 'The Ethernet' en vooral de titelsong. Tussen deze prijsnummers zit bovendien het indrukwekkende en instrumentale 'Celebrity Purée'. Opval- lend is verder de invloed van Van Der Graaf Generator in 'A Sale of Two Souls'.
De tweede cd bestaat uit twee epics die beide ruim over de twintig minuten klokken. Wat een feest. Iedere luisterbeurt opnieuw beleef ik zo veel plezier aan deze twee fantastische nummers. Ik betrap mezelf er op dat sommige passages regematig in mijn hoofd blijven hangen ("Throwing Metal at the Sky...."). Zelfs de zang van Andy Tillison, wat ik altijd het zwakste punt van The Tangent heb gevonden, stoort mij niet meer. Wellicht dat ik zo langzamerhand aan zijn stem gewend ben geraakt, want ik vind zijn zang nu eigenlijk wel bij de muziek horen. Op gitaar excelleert nieuweling Jakko M. Jakszyk. Hij is een echte aanwinst voor de band. Wat mij betreft had hij gerust nog wat meer ruimte gekregen. Maar goed, je kunt niet alles hebben.
Wat ik overigens vreemd vind is dat de teksten van de tweede epic ('The Full Gamut') niet zijn bijgeleverd. Wegens ruimtegebrek, volgens het boekje. Flauwekul natuurlijk, als je meer dan honderd pagina's in de twee boekjes tot je beschikking hebt. De teksten zijn overigens wel beschikbaar op de bandsite. Ondanks deze lichte kritiek zal het duidelijk zijn dat ik zeer in mijn nopjes ben met dit werkstuk. Ik ben benieuwd of er veel cd's aan het einde van het jaar hoger op mijn jaarlijstje zullen eindigen. Ik kan het mij nauwelijks indenken. Arjan Bom (04-2008)
Bezetting:
Andy Tillison - vocals, keyboards, electric rhytm guitar
Guy Manning - acoustic guitars, mandolin, bouzoukis, vocals
Jonas Reingold - bass guitar
Jaime Salazar - drums
Theo Travis - tenor and soprano saxophones, flute
Jakko M. Jakszyk - electric guitars, vocals
Julie King - vocals
Unknown Frenchman - violin
Discografie:
The Music that died Alone (2003)
The World that we drive Through (2004)
Pyramids and Stars (2004)
A Place in the Queue (2006)
Going off on One (2007)
Not as Good as the Book (2008)