Wat een week ... DVD

GENESIS - When in Rome 2007 (2008)

Een gratis openluchtconcert voor 500.000 toeschouwers ...

... vormde de afsluiting van de comeback-tour van Genesis. Voor het eerst in vijftien jaar had het trio Banks/Rutherford/Collins de podia weer beklom- men, aangevuld met vaste 'reserves' Chester Thompson op drums en gita- rist Daryl Stuermer.
Het concert is prachtig weergegeven, fantastisch beeld en geluid, maar nog veel mooier vind ik de bijgevoegde documentaire 'Come Rain Or Shine'. De bijna twee uur durende film biedt een intrigerend kijkje achter de schermen, vanaf de eerste plannen voor de tour tot aan het slotconcert. We zien Phil Collins worstelen met het in de lucht houden van zowel band- als privéleven en gefrustreerd raken tijdens een niet vlottende repetitie. We zien zijn antipathie jegens het mooie 'Ripples', dat in een hotelkamer inge- studeerd wordt, maar ook zijn gedrevenheid bij de voorbereiding op zijn traditionele drumduet met Thompson. De kruk uit de hotelkamer, waarop de heren hun stokken net niet kapot slaan, bevalt zo goed dat de drum- roadies bij de lokale Makro twee krukken moeten aanschaffen en dat ver- loopt, zoals in de doorsnee soapserie, niet geheel vlekkeloos.
De megalomane podiumvormgeving is dermate geavanceerd dat techni- sche moeilijkheden tot op de laatste dagen voor de première opgelost dienen te worden. Je voelt de ongerustheid en ergernis bij Tony Banks groeien en de twijfel of zo'n spektakel wel bij Genesis past. In Duitsland barst vlak voor het concert het onweer los en als kijker voel je de spanning mee die backstage hoog oploopt. Een Pools jochie zingt moeiteloos 'Car- pet Crawlers' mee, waar oude rockers wat onzeker de juiste woorden uit hun geheugen trachten op te diepen.
Ach, het is allemaal even fascinerend en het maakt het bekijken van het slotoptreden in Rome nóg interessanter. Even doorbijten natuurlijk als Daryl Stuermer het weer niet kan laten om van Steve Hackett's melodielijn in 'Firth of Fifth' af te wijken (zie rubriek 'No Notes No Number' Volume 3), maar hij revancheert zich met prachtig spel in het instrumentale deel van 'Ripples'.
Genesis zal wellicht nooit meer op een podium te zien zijn. Mocht dit inder- daad het geval blijken, dan is 'When in Rome' een waardig slotdocument. Peter Swart (wat een week 18)

Wat een week ... CD

ANTHONY PHILLIPS - Sides (1979/2010)

Een mooie re-issue ...

... van dit soloalbum (plus bonusschijf) van Anthony Phillips dat ver- scheen in een tijd dat hij, kijkend naar de opkomende punk en new wave, niet zo'n zin in de muziekscene meer had. Iedereen die dit soort muziek maakte werd min of meer neergezet als een paria, zoals hij zelf ook be- schrijft in 'Um and Aargh'. Gelukkig heeft hij zich niet uit het veld laten slaan want daarna verscheen er nog veel werk van hem.
Na de remasters van 'Wise After the Event','The Geese and the Ghost' en '1984' nu dan een re-issue van 'Sides', één van de meest toegankelijke albums die Phillips ooit maakte. Genoemde track, 'Holy Deadlock' en 'Side- door' klinken zelfs wat commercieel. Het geluid is subliem te noemen. Dat was al in orde maar Simon Heyworth heeft de remastering uitstekend ter hand genomen. En wat een prachtige nummers staan erop zoals 'Lucy Will', 'Bleak House' en 'Magdalen' waar Phillips zich van zijn beste kant laat zien, zowel compositorisch als qua uitwerking. En het blijft natuurlijk een romanticus pur sang.
Opvallend is wel dat de track 'Souvenir' die niet op het originele vinyl stond, gelijk de master, ook hier weer in het midden van de tracklist is toe- gevoegd. En op de tweede schijf vinden we naast instrumentale en alternatieve mixen ook het romantische pianostuk 'Before the Night', een nog nooit uitgebrachte demo.
Anthony Phillips blijft een man die altijd in de schaduw zal blijven staan van zijn vroegere kompanen van Genesis - volgens mij zou hij niet anders willen - maar heeft in al die jaren toch vele memorabele albums gemaakt waarvan 'Sides' zeker niet de minste is. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 18)

Wat een week ... CD

IRON KIM STYLE - Iron Kim Style (2009)

Improviseren is een vak apart ...

... begrijp ik altijd van mijn vrouw die in een orkest dwarsfluit speelt. Zij beheerst het improviseren minder goed en houdt zich stevig en succesvol vast aan de uitgeschreven partijen. Moonjune Records heeft nogal wat bands in de stal die 'freely improvised music' spelen. Zo ook Iron Kim Style, de band van de licht bekende gitarist Dennis Rea. Beheerst deze band dit vak wel?
Dit album kan gezien worden als een protest, gezien bandnaam en hoes met een knipoog, naar de met ijzeren hand regerende Noord-Koreaanse president Kim. Hoewel, kun je protesteren met instrumentale muziek, dus zonder teksten? Hoe dan ook, Kim zal er niet wakker van liggen. En ik lig ook niet wakker van deze 'free jazz', al blijft het aan de goede kant van de streep.
Wat wij horen zijn tien tracks, geïmproviseerd tot stand gekomen dus, die technisch redelijk tot goed worden gespeeld maar die lijken op een voet- baller die een rush over het veld begint zonder duidelijk spelidee c.q. doel en zijn medespelers niet meer ziet staan. Ik zou toch liever hebben dat Iron Kim Style met, al is het dan maar een raamwerk voor een compositie zou beginnen te spelen. Er zou dan zeker wat meer structuur ontstaan. En ik heb de stellige indruk dat de bandleden elkaar, onderwijl muziek beden- kend, af en toe moeilijk kunnen vinden waardoor het wat rommelig aandoet.

Kortom, Iron Kim Style levert een acceptabel album af met als uitschie- ters de 'laid back' en bijna ambient tracks 'Don Quixotic' en 'Adrift'. Voor het vervolg: mannen spreek in ieder geval iets af voordat in de toekomst de studio wordt ingedoken. Misschien dat zelfs President Kim dan geïnte- resseerd raakt! Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 17)

Animal Collective - Fall Be Kind (2009)

Label:
Domino
Bandsite: http://www.myanimalhome.net

Duur: 27:22
Reviewer: Henk Vermeulen
Waardering: (max. score)

In januari 2009 verscheen het eerder op AFTERglow gerecenseerde meesterwerk 'Merriweather Post Pavillion' van Animal Collective. In geen enkel jaarlijstje van 2009 ontbrak dit uiterst vernieuwende, psychedelisch georiënteerde album, waarmee de band zich definitief onder de groten van de Indie-rock vestigde. De bandleden noemen hun muziek liever 'New Weird America', zoals ook stadgenoten Yeasayer dat doen.
De groep timmert al sinds 2000 aan de weg met hun debuut 'Spirit They're Gone, Spirit They've Vanished'. De muziek in die tijd was echter te 'weird' voor de gemiddelde muziekliefhebber om enige bekendheid te kun- nen krijgen. Daar kwam dus verandering in met 'Merriweather Post Pavil- lion'. Dat album is toegankelijker dan alle voorgaande, hoewel 'Strawberry Jam' (2007) al voorzichtig een tip van de nieuwe sluier oplichtte, evenals het solo-project 'Person Pitch' (2007) van bandleider Panda Bear.
Bij die toegankelijkheid past echter wel een relativering want het echte genieten van 'MPP' laat zich pas gelden na enkele luisterbeurten. Als die drempel gepasseerd is gaat er werkelijk een fantastische psychedelische wereld open. De AC liefhebber kijkt nu dan ook reikhalzend uit naar de op- volger.
Dat verlangen is nog sterker geworden na het verschijnen van de EP 'Fall Be Kind'. Op dat schijfje wordt de trend namelijk volledig doorgetrokken. Ook hier speelt elke compositie zich af op een basis van stevige, dikke klanktapijten, samengesteld uit de meest exotische, afwisselend onheil- spellend en geheimzinnig doch ook optimistisch klinkende geluiden en melodieën, waarop prachtige harmonieën zijn gezet. Want zingen kunnen ze. Die elementen worden in elke compositie afwisselend en spannend met elkaar vervlochten zodat de aandacht elke seconde wordt vastgehouden. Er ontstaat een voortdurende nieuwsgierigheid naar wat het vervolg gaat brengen.
'Fall Be Kind' laat zich nog sneller smaken dan 'MPP' - maar wellicht komt dat omdat ik een AC-adept ben geworden - en bestaat uit vijf tracks die bij elkaar zo’n dikke 27 minuten klokken. Het beluisteren roept bij mij overigens - ondanks dat hier sprake is van een volslagen ander geluid – onwillekeurig associaties op aan de twee meest invloedrijke psychedeli- sche bands van eind zestiger en begin zeventiger jaren: Pink Floyd (met Syd Barrett) en Soft Machine (met Robert Wyatt). Het is niet zozeer de muziek op 'Fall Be Kind' die erop lijkt maar het is vooral de zwaar psyche- delische sfeer die die vergelijking oproept. Daar moet je van houden, dat wel!
Diegenen die daarvan houden wachten vol ongeduld op de opvolger van 'Merriweather Post Pavillion'. Dit in de tussentijd uitgebrachte meester- werkje zal ongetwijfeld het wachten verzachten.

Henk Vermeulen (04-2009)

Bezetting:
Avey Tare
Panda Bear
Geologist
Ben Allen (engineer, mixing)

Discografie:
Spirit They’re Gone, Spirit They’ve Vanished (2000)
Dance Manatee (2001)
Hollindagain (2002)
Campfire Songs (2003)
Here Comes the Indian (2003)
Sung Tongs (2004)
Feels (2005)
Prospect Hummer (EP, 2005)
Strawberry Jam (2007)
People (EP, 2007)
Water Curses (EP, 2008)
Merriweather Post Pavillion (2009)
Fall Be Kind (EP, 2009
)

Wat een week ... CD

STEVE VAI - Sound Theories Vol. I & II (2007)

Tot vier jaar terug ...

... schreef ik voor een andere progsite. Toen ik met een review van het prima album van Mike Keneally met The Metropole Orchestra kwam, was men nogal ontstemd. Niet gehinderd door enige kennis associeerde men dit orkest nog met de saaie Hollandse zondagen waarop Herman Emmink een radioprogramma had met dit orkest. Ook vier jaar terug had het Metropool echter ook internationaal zijn sporen al verdiend en opgetre- den met grote namen, ook uit de progwereld dan wel 'close to the edge' daarvan, zoals Mike Keneally dus, Brian Eno, Alan Parsons, John Cale, Gino Vannelli en in 2004/2005 ook met Steve Vai.
Dit dubbelalbum heeft wel wat technische en organisatorische problemen gekend aldus de hoestekst en langer geduurd dan het plan was. Maar het werkstuk mag er dan ook zijn. Vai putte uit oude en recentere stukken die of al door hem geschreven waren voor orkest of nog bewerkt moesten worden.
Deel 1 'The Aching Hunger' is een prima synthese tussen de composi- ties en het karakteristieke gitaarspel van Vai en de hoge kwaliteit van het Metropole. Associaties met de keren dat Zappa met orkest speelde zijn onvermijdelijk, ook al omdat Vai's stukken soms de a-tonaliteit en springe- righeid van zijn leermeester bezitten. Op deel II 'Shadows & Sparks' speelt Vai geen gitaar en leeft het orkest zich uit op enigszins experimentele en machtige tracks als 'Frangelica Pt. 1 & Pt. 2' en 'Bledsoe Bluvd'.

Steve Vai heeft met 'Sound Theories' een prima album uitgebracht dat niet alleen een uitstekende synergie tussen orkest en rock laat horen maar wederom aantoont dat 'The Holland Metropole Orchestra' de spruitjeslucht ver achter zich heeft gelaten. Ik zag dat die site waar ik ooit voor schreef daar recent ook achter was gekomen. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 16).

Wat een week ... CD

WOLFMOTHER - Wolfmother (2006)

Een 'symfohoes' ...

... maar de muziek van Wolfmother is dat zeker niet, eerder onvervalste hard rock met her en der een progressief accentje. Deze Australiërs won- nen niet alleen een Grammy met de track 'Woman' - hetgeen in mijn ogen eerder een contra-indicatie is - maar weten waar de hard rock mosterd wordt gehaald en leveren binnen dit idioom hoge kwaliteit.
Het album zit sterk in elkaar: goede composities waarin de melodie niet wordt vergeten, technisch kunnen, een prima zanger in de persoon van Andrew Stockdale en veel invloeden: Uriah Heep, Deep Purple, Black Sab- bath en Led Zeppelin. Stockdale zingt, kreunt en schreeuwt en steekt daarmee David Byron en Robert Plant naar de kroon, al zijn die twee na- tuurlijk buitencategorie. En speelt bovenal uitstekend gitaar waardoor hij zingend en snaren plukkend het geluid van Wolfmother voor een belangrijk deel bepaalt.
Het progressieve accent zit in de wat rustiger tracks en fragmenten waarin licht experimentele geluiden uit vooral de keyboards van Chris Ross te ho- ren zijn. Maar meestentijds is het toch recht-toe-recht-aan. Een heerlijke plaat om de zinnen te verzetten: verstand op nul en knallen maar! Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 15)