Wat een week ... CD

CASTLE CANYON - Gods of 1973 (2009)

Net even gemist in de jaren 70 ...

... en ook al ten onder gegaan in het geweld van de symfodino's van die tijd: de band Castle Canyon. Gelukkig is er een recente heruitgave van het album 'Gods of 1973' waarop tracks uit '73 en '74 plus een aantal later opgenomen nummers staan.
De muziek beweegt zich rondom ELP en Fields als het gaat om de excel- lente toetsenpartijen (heerlijke Mellotrons en Hammond B3!) van Erik Ian Walker - die tegenwoordig 'ambient music' maakt - en in de buurt van Bar- clay James Harvest als we luisteren naar de gitaren van Fred Chalenor. De composities zijn uitgebreid, vernuftig, spannend en technisch hoogstaand gespeeld.
Naast genoemde invloeden is er ook een referentie aan de moderne klas- sieke muziek. Zo is het imponerende 'Symphony of Sorrowful Songs-Canta- bile Semplice' van de Poolse componist Gorecki opgenomen, vooral door zijn ongeëvenaarde 'Derde Symfonie' een persoonlijke favoriet. Opvallend omdat Gorecki pas na de val van de muur vanachter het IJzeren Gordijn tevoorschijn kwam. Blijkbaar hadden de mannen van Castle Canyon hem reeds vijfentwintig jaar eerder ontdekt.
Terwijl ik luister naar een perfecte pianosolo van Erik Ian Walker in de track 'Bombs Away' concludeer ik dat Castle Canyon met terugwerkende kracht alle lof verdient en met meer 'exposure' in de jaren 70 een geduchte concurrent had kunnen worden van bijvoorbeeld ELP. Het mocht niet zo zijn. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 28)

Wat een week ... CD

PETER HAMMILL - Thin Air (2009)

Recenseren is een nutteloze bezigheid ...

... als je je bedenkt dat in het blad iO Pages staat dat dit nieuwe album van Peter Hammill "saai" is en "na een aantal draaibeurten zelfs vervelend wordt" terwijl ik betoog dat 'Thin Air' een uitstekend werkstuk is dat tot Hammill's betere behoort. De lezer die beide recensies zou raadplegen weet dan nog niets. Volstrekt nutteloos dus, doordrenkt met subjectiviteit, maar het is zo leuk om te doen.
Rustiger dan voorheen is 'Thin Air' wel maar wat een prachtige tracks, door Hammill in z'n eentje uitgevoerd, veel emotie en rake teksten die het ge- voelsleven van Hammill wederom blootleggen. Verpakt in die typische Hammill-sound, niet in de laatste plaats bepaald door die karakteristieke en niet door iedereen gewaardeerde stem. En als het saai zou zijn, zou bij mij al snel de aandacht verslappen maar dat is niet zo. Hoe zou het ook kunnen met muziek die in overdrachtelijke zin keihard binnenkomt.
Favoriet vormt het met een intrigerend en repeterend pianothema gezegen- de 'Your Face on the Street' en ook 'Diminished' mag er zijn. Maar het bo- venstaande maakt duidelijk: favorieten maar er staat geen zwakke track op 'Thin Air'. Hoe knap is het om na zoveel jaren en albums de boog nog steeds gespannen te houden. Hammill is dan ook buitencategorie. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 27)

Wat een week ... CD

DELIRIUM - Il Nome Del Vento (2009)


Italiaanse symfo in een oude traditie ...

... dat is wat de legendarische band Delirium op ons bord uitserveert met het nieuwe album 'Il Nome Del Vento'. Een typering die al direct aangeeft dat geen uit de band springende, grenzen opzoekende en overschrijdende progressieve rock mag worden verwacht. Dus geen lounge restaurant met in neon meekleurende tafels en 'fingerfood' maar een klassiek restaurant met Anti-Pasti en Vittelo Tonato.
Is dat erg? Nee, niet als het smaakvol en sfeervol wordt uitgevoerd zoals Delirium dat doet, met een spanningsboog die gespannen staat van het voorgerecht - 'Intro (dio Del Silenzio Reprise)' - tot het dessert van 'Cuore Sacro'. En als het dan ook nog uitermate sterk in vaktechnische zin wordt opgediend ben ik blij. En, geef toe, zo vaak hebbend de koks van Deli- rium zich niet laten gelden de afgelopen decennia.
Het fluitspel van Martin Grice is prachtig en geeft dat typische symfosfeer- tje zoals we dat ook van PFM kennen, de toetsen van Ettore Vigo smeden alle ingrediënten aaneen en de stem van gitarist Roberto Solinas had niet anders kunnen klinken c.q. past naadloos bij deze warme muziek waar zo af en toe wat Van der Graaf Generator invloed in doorklinkt.

Wat mij wel verbaast is de toevoeging aan de naam Delirium: 'Internatio- nal Progressive Group'. Wat is dat nou toch voor onzin? Het is als het suikerpotje waar 'suiker' op staat en de theepot waar 'thee' op staat: over- bodige toevoegingen.
Delirium
is helemaal terug met een weinig revolutionair maar sterk album waar geen enkele symfofan zich een buil aan kan vallen. Kopen dus! Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 26)

Clapton & Winwood - Live from Madison Square Garden (DVD, 2009)

Label: Warner

Bandsite: www.stevewinwood.com / www.ericclapton.com
Duur: 197:00
Reviewer: Henk Vermeulen
Waardering: (max. score)

Er bestaan muziekgenres die niet voor iedereen zijn weggelegd. Om het maar eens over het 'core-object' van deze site te hebben: er zijn fervente liefhebbers die geen festival overslaan en mensen die reeds bij het horen van het woord 'progrock' moeten overgeven.
Eric Clapton en Steve Winwood hebben in februari 2008 een aantal concerten gegeven met muziek waar elke liefhebber van kan genieten: blues en rock gelardeerd met een laagje soul. 'Live from Madison Square Garden' is een concertregistratie van niet-controversiële en tijdloze muziek. Reden genoeg om deze schitterende concertreeks op ProgLogAFTERglow te bespreken.
De kwaliteit wordt natuurlijk vooral bepaald door twee muzikale giganten: Clapton op de gitaar en Winwood vooral op zijn Hammond orgel. hoewel hij ook een aantal prachtige gitaarduels met Clapton uitvecht, o.a. in 'Hard to Cry' en in 'Them Changes'. Bovendien worden beide grootheden geflankeerd door ervaren muzikanten: bassist Willie Weeks (o.a. Stevie Wonder, Geor- ge Harrison, Stones), toetsenist Chris Stainton (The Who, Roger Waters, Bryan Ferry en drummer Ian Thomas (Sting en McCartney).
De concertregistratie is er in drie versies: een 2CD, een 2DVD en een in beperkte oplage verschenen 2CD/2DVD versie. Voor deze recensie heb ik de DVD bekeken en beluisterd. Ik moet zeggen dat ik daar geen spijt van heb: zowel qua beeld als (DTS)geluid is hier sprake van een zeer hoog ni- veau waardoor ik mij tijdens het - met flink volume - afspelen in New York waande.
Het concert bestaat vooral uit bekende jaren '60 en '70 nummers van bands waarin beide heren al dan niet samen hebben gespeeld (Spencer Davis Group, Traffic, Blind Faith, Derek and the Dominos, Cream) en van soloprojecten. Daarnaast worden twee Hendrix-composities gespeeld , 'Lit- tle Wing' en 'Voodoo Chile' waarvan de gitaarsolo, met op de achtergrond een geluidsmuur van onheilspellende Hammondgeluiden, werkelijk door merg en been gaat.
De set opent met het Blind Faith nummer 'Had to Cry Today', een Win- wood compositie waarin de componist prachtig op de gitaar duelleert met Clapton. Na de opening houdt Winwood nog even de gitaar vast voor 'Them Changes' ter nagedachtenis aan Buddy Miles. Na dit eerbetoon gaat Win- wood doen waarin hij het sterkst is: achter zijn Hammond zitten om er de mooiste klanken uit te toveren.
Via 'Forever Man', 'Sleeping in the Ground' en 'Presence of the Lord' komen we uit bij het fenomaal gespeelde 'Glad' van het befaamde Traffic-album 'John Barleycorn Must Die' (1970) dat naadloos overgaat in de veel- vuldig gecoverde Buddy Holly compositie 'Well All Right'. Op 'Double Troub- le' horen we het duidelijkst hoe de Hammond van Winwood en de scheuren- de gitaarsolo’s van Clapton worden geïntegreerd tot een orgastisch geluid. Tijdens het beluisteren van Capaldi's 'Pearly Queen' kreeg ik het gevoel alsof ik mij weer, ergens begin zeventiger jaren, in een obscure, met hasj- dampen gevulde club bevond, zo psychedelisch klinken de geluiden uit Winwood's orgel.
De tweede DVD bevat bonusmateriaal: achtergronden, interviews en nog drie nummers. Eerder sprak ik over muziek die voor elke muziekliefhebber toegankelijk lijkt. Voor een Clapton-fan is aanschaf van deze DVD echter een must. Samen met het in 2005 uitgekomen reünieconcert van Cream in de Royal Albert Hall vormt dit album voorlopig een prachtig hoogstaand nos- talgisch tweeluik. Wie weet wordt er ooit een drie- of vierluik van gemaakt … Yardbirds, Bluesbreakers ... Henk Vermeulen (07-2009)

Bezetting:
Eric Clapton - guitar, vocals
Steve Winwood - guitar, vocals, keyboards
Willie Weeks - bass
Chris Stainton - keyboards
Ian Thomas - drums

Discografie Eric Clapton (zeer selectief)
1965 Five Live Yardbirds (The Yardbirds)
1966 Bluesbreakers with Eric Clapton (John Mayalls Bluesbreakers)
1966 Fresh Cream (Cream)
1967 Disraeli Gears (Cream)
1968 Wheels Of Fire (Cream)
1969 Goodbye (Cream)
1969 Blind Faith (Blind Faith)
1970 Eric Clapton
1970 Layla and other assorted love songs (Derek and the Dominos)
1974 461, Ocean Boulevard
1976 No reason to cry
1977 Slowhand
1981 Another ticket
1989 Journeyman
1992 Unplugged (Live)
1994 From the cradle
1998 Pilgrim
2001 Reptile
2005 Back Home

Discografie Steve Winwood (zeer selectief):
1964 The Spencer Davis Group ( Spencer Davis Group)
1965 The Second Album (Spencer Davis Group)
1966 Autumn ’66 (Spenser Davis Group)
1967 Mr. Fantasy (Traffic)
1968 Traffic
1969 Blind Faith (Blind Faith)
1970 John Barleycorn Must Die (Traffic)
1971 Welcome to the Canteen (live) (Traffic
1971 The Low Spark of High Heeled Boys (Traffic)
1973 Shoot Out at the Fantasy Factory (Traffic)
1973 Traffic: On the Road (live) (Traffic)
1974 When the Eagle Flies (Traffic)
1994 Far From Home (Traffic)
1977 Steve Winwood
1980 Arc Of A Diver
1982 Talking Back To The Night
1986 Back In The High Life
2003 About Time

Wat een week ... CD

GENTLE GIANT - Live in Stockholm 1975 (2009)

Een Aha-erlebnis ...

... het beluisteren van dit door de Zweedse radio opgenomen concert van de legendarische band en persoonlijke favoriet Gentle Giant in Stock- holm. Vooral omdat ik de heren in 1975 ook live zag, zegge en schrijve twaalf dagen na het Stockholmse feestje. De tracklist waar ik toen in De Doelen in Rotterdam naar luisterde weet ik niet meer, maar het zou zo maar kunnen dat die identiek was aan wat we hier horen.
Het in een goed verzorgde hoes gestoken album met een hoestekst van drummer John P. Weathers, staat als een huis. Prima geluidskwaliteit en een technisch hoogstaande uitvoering - op een enkele gezongen onzuivere noot na - maakt wederom duidelijk wat een bijzondere band dit was en wat een uniek geluid men bezat. Regelmatig onderling wisselend van instru- ment en de gezamenlijke percussie-act waren bovendien eye-catchers die je bij geen enkele andere band in die tijd zag.
De uitvoeringen van 'The Runaway/Experience' (10 minuten), 'So Sincere' (11 minuten) en 'Free Hand' (zes minuten) zijn briljant, terwijl afsluiter 'Just the Same' ook in Zweden weer een concertkraker bleek.
Ik ben onder de indruk van deze onverwachte uitgave en volgens de be- richten komt er binnenkort ook een livedocument van de beginjaren van Gentle Giant toen de broers Shulman nog als trio deel uitmaakten van de band. Nieuwsgierig wacht ik af, al was het alleen maar om mijn sentimente- le en nostalgische gevoelens weer te kietelen. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 25)

Wat een week ... CD

MARILLION - Misplaced Childhood (1985)

Mijn vrouw draait deze cd constant in de auto ...


... terwijl zij geeneens van progrock houdt! Ja, vroeger had zij elpees van Yes, maar dat beschouwt ze als een jeugdzonde. Gek toch, dat een symfo-album opeens zo'n groot publiek wist te bereiken. Komt wellicht door de wereldhit 'Kayleigh', die ervoor zorgde dat hedentendage zoveel jonge vrou- wen zich met deze naam voorstellen.
'Misplaced Childhood' was de derde plaat van Marillion. Het groeide uit tot het meest commerciële succes uit de Fish-jaren. Toegankelijker dan het vroege werk door 'Kayleigh' en 'Lavender', terwijl de symfoliefhebber van destijds zijn hart kon ophalen bij de resterende tracks. Het was de tijd waarin Steve Rothery nog eer wilde behalen met mooie gitaarsoli. Kom daar nu nog eens bij hem om.
Het album kent een conceptaanpak, meer in muzikale dan in verhalende zin. De nummers vloeien moeiteloos in elkaar over en staan bol van prach- tige lyrics uit de pen van Fish: "The mist crawls from the canal, like some primordial phantome of romance" declameert hij boven een dreigend toet- sentapijt in 'Bitter Suite'. En reken maar dat bij optredens iedereen in het publiek de teksten kon meezingen.
Nog niet zo lang geleden stond Fish met zijn eigen band op de podia met het integrale werk in de '20th Anniversary Tour'. Een mooi eerbetoon aan een heuse klassieker. Peter Swart (wat een week 25)

Savoldelli & Sharp - Protoplasmic (2009)

Label: Moonjune Records
Bandsite: www.borisinger.eu / www.elliottsharp.com
Duur: 49:30
Reviewer: Harry 'JoJo' de Vries
Waardering: (uit max. 5 JoJo's)

Progressieve muziek doet zijn naam pas eer aan, de trouwe lezer zal het als mijn stokpaardje herkennen, als de grenzen van de muziek worden ge- vonden, als 'out of the box thinking' de componist gaat beheersen, als be- kende paden slechts als leidraad worden gebruikt en op het moment dat men nieuwe paden tegenkomt deze vanuit nieuwsgierigheid - een onmisba- re attitude voor een progmuzikant - inslaat.
Ik schrijf met opzet "grenzen die worden gevonden" en niet "grenzen die worden opgezocht". En "nieuwe paden die men tegenkomt" en niet "nieuwe paden die men ging zoeken". Dat zou voorbedachte rade zijn. Nee, het nieuwe, de innovatie, de progressie vinden de muzikanten in de studio, of tijdens het componeren, door een bundeling van creativiteit en energie en vaak bij toeval, in dit verband ook wel 'serendipiteit' genoemd.
Al eerder memoreerde ik: Richard Wright die verveeld zat te pielen op zijn nieuwverworven synths en Roger Waters die riep "speel dat nog eens?!" En de basis voor het in die tijd vernieuwende en revolutionaire 'Echoes' was geboren. Pink Floyd ging de studio niet in met het vooropgezette plan "zo we gaan de wereld eens even op 'n kop zetten en vandaag eens iets doen wat nog nooit gedaan is en dan laten we het ook nog een hele plaatkant duren". Nee, het ontstond.

En dat is nu juist wat ik bij het album 'Protoplasmic' van de Italiaan Boris Savoldelli en de New Yorker Elliott Sharp zo mis. Hoewel improviserende muziek - en daar hebben we het bij dit duo over - in zichzelf sterk leunt op toeval en daar hou ik dus wel van, komt dit album op mij over als experi- ment om het experiment. Het is te geforceerd, het kan niet gek genoeg zijn: laat ik nog eens schreeuwen, kom ik speel nog eens een valse noot op mijn gitaar, ik maak nog eens een 'pitch shifting wobble', ik draai nog eens aan de knoppen van mijn 'effect box' en wat zijn we dan lekker avant-gardistisch bezig.
Savoldelli & Sharp doen enigszins denken aan de legendarische band Henry Cow die experiment hoog in het vaandel had staan maar de rode draad echter nooit uit het oog verloor. Of aan John Zorn - die overigens dit jaar drie dagen lang 'Artist in Residence' is op North Sea Jazz is maar dit terzijde - maar Zorn had een visie, een groots plan en daar verdenk ik dit duo echter niet van.
Experiment is een kernkkwaliteit maar als je erin doorschiet beland je in de valkuil van 'bedoelde chaos' en chaos mag nooit de bedoeling zijn want als het de bedoeling is, is het geen chaos meer. Savoldelli & Sharp zijn in hun eigen valkuil gestapt. Harry 'JoJo' de Vries (07-2009)

Bezetting:
Boris Savoldelli - vocals, electronics
Elliott Sharp - electric guitar, sax (on track 10), electronics

Discografie:
Protoplasmic (2009)

Wat een week ... CD

SOFT HEAP - Soft Heap (1979/2009)

Alle vier dood ...

... toetsenist Alan Gowen al in 1981, drummer Pip Pyle en saxofonist Elton Dean in 2006 en in 2009, een paar weken terug, bassist Hugh Hopper. Ongelooflijk, en zo oud waren ze niet. Wat dan weer 'mooi' is bij de dood van muzikanten is dat hun onsterfelijkheid gewaarborgd wordt via het voort- bestaan van hun albums. Bij deze vier door de rijke catalogus van o.a. Soft Machine, National Health, Gilgamesh, Hatfield and the North en dus ook via Soft Heap.
Voor mij ligt de geremasterde versie van het album uit 1979. Met jazz-rock maar toch met name gevuld met jazz. Gezet in een krachtige, helde- re produktie waarbij de sax van Dean klinkt alsof hij in de huiskamer staat. Als we het ongrijpbare naar free jazz neigende A.W.O.L. buiten beschou- wing laten, bestaat dit album uit sterke composities met een duidelijk me- lodisch thema waaromheen lustig gesoleerd wordt.
Vooral het samenspel tussen de toetsen van Gowen en de sax van Dean is ongeëvenaard en bijna mystiek. Zo zegt Hopper daarover in de hoes- tekst "I was knocked out by the improvised wailing duets that crept up from nowhere between Alan's minimoog and Elton's sax. You can't write those things - they have a life of their own and they either appear or they don't".

De track 'Petit 3'S' is briljant. Luister zelf maar eens (klik rechtsboven, rechterframe). Wat een emotie legt Dean daar in zijn spel. Charlie Parker zou hem een staande ovatie geven als hij dit nog zou kunnen horen. Dean lijkt aan de ene kant die traditionele jazz embouchure en stijl te hebben, maar aan de andere kant is het dat ook weer net niet door zijn experiment en improvisatie. Het is een soort 'out of the box playing'. En dat maakte hem wat mij betreft tot een van de besten in dit genre.
Soft Heap heb ik in de hectiek van de jaren zeventig en de stortvloed aan progressieve albums te weinig aandacht gegeven. Met deze heruitgave en review heb ik dat goed gemaakt. Gelukkig maar want de kwaliteit die dit viertal laat horen rechtvaardigt dat volledig. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 24)

Odessa - The Final Day (2009)

Label: Lizard Records
Bandsite: www.odessazone.com
Duur: 48:52
Reviewer: Harry 'JoJo' de Vries
Waardering: (uit max. 5 JoJo's)

Het reeds in 1998 debuterende Italiaanse Odessa heeft naast een live- album toch pas twee studio-albums op haar naam staan, te weten 'Sta- zione Getsemani' uit het startjaar en nu dus 'The Final Day'.
Voorman van Odessa is Lorenzo Giovagnoli, die naast politicoloog, pro- ducer en toetsenist ook zangleraar is maar ook zangles krijgt van operazan- geres Letizia Sciuto "to widen the expressive means and capablities of his voice". Hij is inderdaad een prima zanger maar laat ik nu juist die, gelukkig spaarzame, fragmenten waarin hij die karakteristieke opera-uithalen fabri- ceert niet de meest gelukkige momenten op het album vinden. Ik vind het ook niet goed passen bij de overigens prima progressieve muziek met een lichte AOR-inslag.
Zoals vaker bij Italiaanse bands (zie ook de recente review van Sophya Baccini), wordt er afwisselend gezongen in het Engels en in het Italiaans, hier zelfs aangevuld met Frans en Grieks. Verder horen we zeer getalen- teerde muzikanten die hun instrumenten vaardig bespelen - drummer Marco Fabbri speelt bijvoorbeeld ook bij The Watch - en prog maken waarin invloeden van Led Zeppelin, Deep Purple, Jethro Tull, vleugjes PFM maar toch ook de AOR van Toto te herkennen zijn.
De zon komt op tijdens 'The Final Day' met het titelnummer dat lekker rockt op een sterk ritme, met een virtuoos scheurend orgel van Giovagnoli, een sterk fuzzende bas van Valerio di Angelis, accenten op elektrische piano en een jazzy intermezzo met op elkaar inhakende gitaar- en key- boardsolo's. Een sterk begin al hadden de theatrale, vocale uithalen aan het einde voor mij dus niet gehoeven. Giovagnoli houdt hier de tonen duide- lijk te lang aan en dat past absoluut niet bij deze muziek.
De geëngageerde Giovagnoli laat in het stevige 'Compra' zijn licht schij- nen over de bedenkelijke kanten van de 'consumer culture'. Een geweldige track vind ik 'Depeche Toi' waarvan de platenmaatschappij in het begelei- dend schrijven zegt "This is what Dream Theater would sound like, were they capable of writing music with melody". Collegiale kinnesinne, mis- schien niet zo netjes, al zit er dan een kern van waarheid in ... Inderdaad een track die refereert aan de complexiteit van Dream Theater, echter wel met een sterke melodische rode draad.
En de andere zeven tracks? Prima progrock, gedegen composities maar met emotie zoals in de symfonische tracks 'Viena la Sera' en 'Piccolo Mio Sole'te horen valt.
Odessa was een voor mij relatief onbekende band. Zij hebben mij met 'The Final Day' weten te overtuigen van hun muzikale en technische kunnen. En die theatrale uithalen? Lorenzo, we weten nu dat je het kan, volgende keer niet meer graag, per favore, please, parakaló, s'il vous plait!

Harry 'JoJo' de Vries (06-2009)

Bezetting:
Lorenzo Giovagnoli - voice and keyboards
Giulio Vampa - guitars
Valerio De Angelis - bass guitar
Marco Fabbri - drums

Discografie:
Stazione Getsemani (1999)
Live at Prog'sud (2004)
The Final Day (2009)