REVIEWS under C
CRYPTIC VISION - In a World (2006)
COUTURE, RONALD - Essential Mini-Guide Progressive Rock (2006)
Cryptic Vision - In a World (2006)
Label: Progrock Records
Bandsite: www.crypticvision.net
Duur: 72:59
Reviewer: Arjan Bom
Waardering: (uit max. 5 JoJo's)
'In a World' is pas het tweede studioalbum van deze Amerikaanse band, die na 'Moments of Clarity' uit 2004 ook nog de live-cd 'Live at RoSFest 2005' op haar naam heeft staan. Dat de band Amerikaans is, is over- duidelijk als je 'In a World' op zet. De muziek is melodieus, soms gevaarlijk naar AOR neigend, maar toch ook weer verrassend op andere momenten en technisch perfect gespeeld. De sound van de groep zit ergens tussen die van Kansas en Spock's Beard (in de tijd van Neal Morse) in. De vergelijking met deze bands wordt nog versterkt door gastbijdragen van David Ragsdale en Alan Morse.
Opener en titelnummer 'In a World' zet meteen de toon. Dit is een mooi, lang nummer met veel wendingen. Vooral het keyboardwerk met veel Hammond en synthesizer en de bijdrage van violist David Ragsdale zijn de moeite waard in deze progressieve 'epic'. Helaas vond de band het nodig om deze track op te leuken met een latinachtig intermezzo. Aan mij zijn dit soort 'grappen' zelden besteed. Zonde dus, want verder is dit een uitstekend begin van dit album.
Na de titelsong volgt het korte en akoestische 'In a Dream (part 1)', dat overgaat in het hardere 'Common Ground'. Dit enigszins conventionele nummer gaat vervolgens weer over in het instrumentale 'Merkaba', waarin de heren van Cryptic Vision hun niet geringe technische vaardigheden tonen. Er zit voldoende afwisseling in de muziek tot nu toe en dat zal ook de rest van de plaat zo doorgaan. Wel vind ik de cd na deze eerste vier tracks wat inkakken met een melige ballad, een dreutelig meezingliedje, een behoorlijk heftige progmetal song en een AOR-track die mij aan een oud hitje van Mr. Mister doet denken.
Het tien minuten lange 'Power to Mend' komt dan ook precies op tijd. Deze uit drie delen bestaande mini-epic is één van de hoogtepunten. Maar dan komt even later ook 'The Balance' nog. Weer zo'n prima track die nog even duidelijk maakt wat de sterke punten van Cryptic Vision zijn: avontuurlijke, afwisselende composities, gespeeld door uitstekende muzikanten en een geweldige zanger. De belangrijkste man van de groep is songwriter en multi-instrumentalist Rick Duncan, maar ik wil toch ook de aandacht op Todd Plant vestigen. Zoals ik al eens eerder schreef ben ik niet erg onder de indruk van de huidige lichting zangers in de progscene. Vaak ben ik al blij als ik me niet erger aan de zang. Todd Plant is echter een positieve uitzondering. Eindelijk weer eens iemand die ècht kan zingen, zowel tijdens de rustige als de hardere stukken. Het album wordt afgesloten met een 'reprise' van 'This Dream (part 2)' en het titelnummer. Het vormt een fraaie finale, de 73 minuten zitten er weer op.
'In a World' is geen album dat ik iedere dag wil horen, maar als ik in de stemming ben beleef ik er veel plezier aan. En dat zal vast wel voor meer liefhebbers van typisch Amerikaanse prog gelden. Cryptic Vision is een talentvolle band waar we vast nog wel meer van zullen horen.
Arjan Bom (05-2007)
Bezetting:
Rick Duncan - drums, keyboards, guitar
Todd Plant - vocals, acoustic Guitar
Sam Conable - bass, vocals, bass pedals
Timothy Keese - guitars, vocals
Howard Helm - keyboards, vocals
Special Guest Performances by:
David Ragsdale -violin
Alan Morse - guitar
John Zahner - keyboards
Shawn Bowen - guitar, sitar, mandolin
Jerry Outlaw - guitar
Ralph Santolla - guitar
Carrie Martin - Angelic Choir Vocals
Discografie:
Moments of Clarity (2004)
Live at RoSFest 2005 (2005)
In a World (2006)
Wat een week ... CD
Dream Theater - Scenes from a Memory (1999)
Was het de butler ...
... of is de dader van de moord toch een ander? Dream Theater werkt een ingewikkelde moordzaak uit het verleden muzikaal en verhaaltechnisch intrigerend uit, te beginnen met een regressietherapiesessie bij de hypno- therapeut. Je moet je er even open voor willen stellen maar dan ontrolt zich een verhaal dat écht spannend is, hetgeen nog sterker opgaat voor de muziek. Virtuoze hoogstandjes, wervelende 'instrumentals' op hoge snelheid, maar gelukkig ook een aantal sterke en sfeervolle melodieën. Tijdens de rustiger momenten komt de stem van James Labrie tot zijn volle recht. Met de subtitel 'Metropolis Part II' verwijst DT naar Part 1 op het album 'Images And Words', een nummer dat het nog altijd goed doet in de symfohitlijstjes aller tijden. De beide hoofdpersonen uit het eerste deel spelen een rol in het misdaaddrama.
Een concert van het werk is ook op dvd verkrijgbaar, waarbij de heren likkebaardend op de vingers gekeken kan worden.
Peter Swart (wat een week 21)
Wat een week … CD
Big Elf – Closer to Doom (1996)
Anekdoten meets The Beatles ….
…. dat typeert de muziek van deze ‘weirde’ band. Stevig, melodieus, onverwacht en een hoge speltechnische kwaliteit waarin de synths en mellotrons domineren. Inmiddels geremasterd met vier bonustracks die de moeite waard zijn. Meestal zijn bonussen overbodig, van een abominabele kwaliteit of er wordt één noot anders gespeeld en dan vindt men het al een bonus waardig. In dit geval speelt deze kritieke absoluut niet. Drie nieuwe studio-opnames, optimaal geproduceerd, en een heerlijke livetrack, het van The Pretty Things bekende 'Baron Saturday. JoJo (wat een week 21)
Balloon – Motivation (2007)
Label: Balloonmusic
Bandsite: www.balloonmusic.nl
Duur: 60:27
Reviewer: JoJo
Waardering: (uit max. 5 JoJo’s)
Er zijn opmerkelijk genoeg nog steeds hele volksstammen die menen dat de progressieve- en symfonische rock na de jaren zeventig een zachte, en in de ogen van sommigen een terechte, dood zijn gestorven. Geringe media-aandacht en Freudiaans wegkijken zijn daar denk ik de oorzaken van. Echter, niets is minder waar. Deze beide muziekstromingen hebben weliswaar een depressie gekend, welke stroming niet, maar zijn al weer jaren op de weg terug met niet te tellen ‘world wide releases’ en vele nieuwe bands. Toenemende aandacht van bladen als OOR die de prog en symfo reeds lang hadden verbannen, is daarvan het effect. Het lijkt dan ook logisch dat er ook in Nederland steeds weer nieuwe progbands opstaan. Dit keer de IJmondse band Balloon die, in eigen beheer, het album ‘Motivation’ heeft uitgebracht.
Balloon maakt, zoals zij zelf schrijven, “psychedelische, epische en dynamische songs” waarmee men de verbindende schakel wil aanbrengen, zegt men met enig understatement, tussen “Pink Floyd en Rammstein”. Hoewel de Floydinvloeden in mijn oren niet overdadig zijn, kun je wel stellen dat dit soort muziek waarschijnlijk niet gemaakt had kunnen worden zonder het voorbereidende werk van Floyd. Hetgeen bijvoorbeeld ook geldt voor Porcupine Tree en van die band hoor ik op ‘Motivation’ de meeste echo’s.
Het album opent stuwend, stevig en sterk met ‘All Yours’ waarbij de dreigende keys van Hans Baaij direct opvallen en de aanstekelijke uitroep ‘All Yours’ uitnodigt tot meeschreeuwen. Hitpotentie wellicht niet maar een ‘livecracker’ zeker. Opvolger ‘Foe?’, die negen minuten klokt, vind ik één van de sterkste albumtracks waarin de band psychedelische en spacey passages goed afwisselt met hardere elementen en de gitaar en de ritmesectie domineren. Ik associeer hier behoorlijk met Porcupine Tree en de geluiden die Baaij uit zijn keys haalt zouden door Richard Barbieri zeer worden gewaardeerd. Een klein kritiekpunt vormt de gitaarsolo van Jos Commandeur. Een spannende solo van een uitstekend gitarist maar het gitaargeluid lijkt enigszins los te staan van de ondersteuning, alsof de band een kamer verderop stond te spelen.
Na het relatief simpele maar mooie en rustige ‘Nowhere’ volgt ‘Dissolve Unseen’ dat meer rock bevat dan prog. Het spreekt mij minder aan omdat er weinig spanning en verrassing in zit. ‘Beat Me Up’ gaat vanuit progoptiek weer de goede kant op door zijn doordachte opbouw en variatie, al is de zang van Baaij soms wel erg breekbaar en dun. ‘Everything’ is zonder meer een lekker nummer waarin Balloon wederom laat horen te grossieren in onverwachte overgangen.
Het album sluit af met het zeventien minuten durende ‘It’s Still Today’ waar de akoestische gitaar de basis legt en dat, hoewel de tracklist dat niet aangeeft, in mijn oren bestaat uit diverse delen. Een dagdromerig en landerig begin à la Steve Wilson’s sideproject No-Man, goed voor de zomermaanden, evolueert via min of meer a capella samenzang naar een progmetal riff waaroverheen lustig op de keys geëxperimenteerd wordt. Via het gezongen thema en ambient intermezzi komt de band uit bij een naar een climax toewerkend laatste deel met roffelende drums van Van Horssen en opzwepend gitaarspel van Commandeur. Hoewel ik soms mijn concentratie dreig te verliezen, vormt de track een waardig en kwalitatief hoogwaardig einde.
‘Motivation’ is een uitstekend debuutalbum geworden. Wat mij betreft laat de band de rockachtige uitstapjes zoals in ‘Dissolve Unseen’ in de toekomst achterwege en concentreert zij zich op een verdere ontwikkeling van wat er in tracks als ‘All Yours’, ‘Foe?’ en ‘It’s Still Today’ aan progressiviteit wordt geboden. Balloon vormt echter nu al een aanwinst voor de vaderlandse progscene met haar compositorische potentie en muzikaal-technische kwaliteiten. AFTERglow blijft deze band dan ook zeker volgen en ik hoop dat ‘Motivation’ geen eenmalig proefballonnetje was ….
JoJo (05-2007)
Bezetting:
Hans Baaij - vocals, synths
Michiel van Horssen - drums
Jos Commandeur - guitar
Cyril Wijte - bass
Discografie:
Motivation (2007)
Porcupine Tree –
Fear of a Blank Planet (2007)
Label: Roadrunner Records
Bandsite: www.porcupinetree.com
Duur: 50:07
Reviewer: JoJo
Waardering: (max. score aan JoJo’s)
In mijn beoordeling van het vorige acceptabele maar weinig opzienba- rende album ‘Deadwing’ van Porcupine Tree (zie dBase file under P) publiceerde ik een open brief aan Steven Wilson waarin ik schreef “De tendens naar toegankelijkheid heeft zich helaas vastgezet ….. U komt daarmee in de contreien van de ‘mainstream' in de progrock. Het twinkelt en sprankelt niet meer, de creatieve elementen en verrassingen zijn grotendeels verdwenen …… per saldo is het gemiddeld geworden. Volgens mij bent u echter geen man van gulden middenwegen en compromissen. En toch klinkt alles zo”. De beste man zal die brief niet gelezen hebben en toch lijkt het alsof hij naar deze breder gedragen berichten uit de samenleving heeft geluisterd, al waren ze niet talrijk want de critici in de progscene zijn nu eenmaal weinig kritisch. Op ‘Fear of a Blank Planet’ sprankelt het namelijk aan alle kanten, zowel compositorisch als qua spelplezier, en hoewel er uiteraard Porcupine Tree eigen stijlelementen worden gebruikt is het album creatief, gedurfd en vol momenten van verwondering. Zoals dat hoort bij muziek waarop het etiket ‘progressief’ vermeldt.
Het album is een conceptalbum dat aandacht geeft aan de wijze waarop de hedendaagse jeugd denkt en leeft. Een leefstijl die - ingegeven door allerlei invloeden uit de media, de digitale omgeving en de wondere wereld die computerspellen heet - gekenmerkt wordt door snelheid, ‘zappen’ van de ene stimulus naar de andere en afstandelijkheid.
Een typerende aftrap wordt gegeven met het titelnummer dat vrij stevig is en nog past in de Opeth-achtige traditie die de band in de wat hardere tracks liet horen op de twee voorgaande werkstukken. Geweldig zijn de overgangen op driekwart track naar rustigere passages en weer terug. ‘My Ashes’ is een melodieus, mooi en relatief rustig nummer met overdadige orkestratie en had, als enige overigens, zo op ‘Blackfield II’ kunnen staan.
Het zeventien minuten durende ‘Anesthetisize’ vond ik bij de eerste luisterrondes wat tegenvallen. Eindelijk weer een lang nummer na zoveel jaren maar de drie delen leken in aanvang als los zand aan elkaar te zitten. Na verloop van tijd ontstond echter de weldadige lijm tussen de onderdelen. Elementen die getypeerd kunnen worden als respectievelijk Porcupine Tree uit de beginjaren via mystieke ‘ambient’ naar een muzikale climax waarin Alex Lifeson (Rush) op een voor hem afwijkende wijze een geweldige gitaarsolo speelt die de ‘sustain’ en aanslag van David Gilmour bevat. Drummer Gavin Harrison excelleert op het gehele album maar wat hij op deze track laat horen is wereldklasse.
‘Sentimental’ is opgebouwd uit een slepend refrein waarop meeneuriën en meezingen ‘verplicht’ is en dat vernuftig uit meerdere lagen bestaat. ‘Way out of Here’ kent een stevige basis waarin op de achtergrond een imposante muur van geluid is opgetrokken door gitaren maar met name door de keys van Richard Barbieri: de stille kracht op de achtergrond maar volgens mij van een waarde die Steven Wilson niet graag zou willen missen. De ‘soundscapes’ van goeroe Robert Fripp zetten de puntjes op de ‘i’ van Barbieri. Slotnummer ‘Sleep Together’ is een zoveelste hoogtepunt. Dreigend, pompend, een schreeuw zou ik het willen noemen, met briljante partijen op de synths die klinken als een mellotron en mij steeds doen denken aan ‘Kashmir’ van Led Zeppelin’s ‘Physical Graffiti’. Een imponerend einde van een even imponerend album.
Zijn er dan geen kritiekpunten. Ja, maar die zijn niet muzikaal-inhoude- lijk van aard maar hebben betrekking op de hoes en de marketing. De prachtige buitenzijde van de hoes belooft veel, hetgeen op geen enkele wijze wordt waargemaakt door de binnenzijde van het boekje dat aan elkaar hangt van beeldclichés en gaapverhogende gemeenplaatsen. Iets waar ontwerper Aleph toch al patent op heeft, zoals ook te zien valt aan de hoes van het laatste en in alle opzichten matige Marillion-album. En het lijkt mij dat marketing-technisch ‘Fear of Blank Planet’ wel heel dicht zit op het ook al geweldige ‘Blackfield II’. Hoewel een marketingmens al snel het woord ‘spin off’ in de mond zal nemen, lijkt mij in het algemeen een grotere spreiding van verwante releases beter.
Concluderend. Bij beluistering wordt al snel duidelijk dat als een jonge muziekliefhebber over dertig jaar op zoek gaat naar wat er te koop is en was in de progrock, hij of zij al snel zal constateren dat ‘Fear of Blank Planet’ een ‘landmark album’ is in zowel de catalogus van de band als in de niche die ‘progrock’ heet. Ik zou zo lang niet wachten met de aanschaf als ik u was. JoJo (05-2007)
Bezetting:
Steven Wilson - vocals, guitar, piano
Richard Barbieri - keyboards, synthesizers
Colin Edwin - bass guitar
Gavin Harrison – drums
plus:
Alex Lifeson - guitar solo (3)
Robert Fripp - soundscapes (5)
John Wesley - backing vocals
Discografie (selectief):
On the Sunday of Life..... (1991)
Voyage 34 (1992)
Up the Downstair (1993)
Staircase Infinities (1994)
Yellow Hedgerow Dreamscape (1994)
The Sky Moves Sideways (1995)
Signify (1996)
Coma Divine Live (1997)
Stupid Dream (1999)
Lightbulb Sun (2000)
Voyage 34 - The Complete Trip (2000)
Recordings (2001)
Stars Die: The Delerium Years 1991 -1997 (2002)
In Absentia (2002)
Deadwing (2005)
Fear of a Blank Planet (2007)
Wat een week ... CD
Anekdoten - A Time of Day (2007)
Ik dacht "daar gaan we weer" ...
... toen het album opende met 'The Great Unknown'. Een overigens prima track maar teveel van hetzelfde. "Kunnen ze die nummers zelf nog uit elkaar houden?", kwam er bij mij op. Pompend, stevig en dreigend ritme, donkere zang en veel mellotron. Dat was het handelsmerk van Anekdoten, al zeven albums lang. 'Stilstand is achteruitgang' moet de band ook hebben aangevoeld. En dat is, genuanceerd maar overtuigend, te merken op nieuweling 'A Time of Day'. Een album met meer afwisseling binnen en tussen de tracks, goed gedoseerde rustpunten en her en der een wat andere bezetting. Zo vind ik het fluitspel van gast Gunnar Bergsten een verrijking voor het Anekdoten-geluid. Een stap vooruit. Als men dit soort progressie weet door te zetten kan Anekdoten nog jaren mee. Gelukkig maar. JoJo (wat een week 20)
Wat een week ... CD
Tony Banks - A Curious Feeling (1979)
Eigenlijk is de titel niet goed ...
... want Tony Banks had zijn eerste soloproject 'The Waters Of Lethe' willen noemen. Naar de mythische rivier in de onderwereld, waaruit de schimmen der doden moesten drinken om hun leven op aarde te kunnen vergeten. Dit sluit, beter dan de huidige albumtitel, aan bij het verhaal van de man die zijn geheugen verloren heeft. Maar Banks zag op tegen de, mogelijk moeilijke, vragen om uitleg. Hm...
Het was een tussenjaar voor Genesis na '... And Then There Were Three', waarin Phil privézaken afhandelde en Mike Rutherford en Tony zich op solowerk concentreerden (zie ook Week CD 2007-04). Tony kreeg hulp van Chester Thompson voor de drums en van Kim Beacon voor de zang. De rest deed hij zelf. Het pianogeluid van de Yamaha CS-80 vervult een prominente rol en vormt daarmee een mooie opmaat naar 'Duke', het Genesis-album na de retraite. Hoogtepunt is wat mij betreft de song 'You' waarin Banks de ene solo op de andere stapelt en het geluid steeds voller wordt. En dan nóg een thema erbij, prachtig. Hetzelfde principe paste hij eerder toe in 'The Lady Lies' op 'ATTWT'. Kortom: een niet te versmaden zijsprong. Peter Swart (wat een week 20)
Volume Two:
Steve Hackett - Kim (1978)
Helemaal oorspronkelijk kan 'Kim' niet genoemd worden. Het nummer heeft een sterke verwantschap met pianostukken van de Franse componist Erik Satie (1866-1925). Menig pianostudent heeft zich door diens 'Gymno- pédies' en 'Gnossiennes' moeten worstelen. Met plezier natuurlijk, want het zijn juweeltjes. Ter vergelijking hieronder de hoofdmelodie van Satie's 'Gym- nopédie no.1' 'Lente et doucement' uit te voeren.

Steve Hackett heeft nooit geheimzinnig gedaan over zijn bewondering
voor Satie. Het heeft in 2000 zelfs geleid tot de cd 'Sketches of Satie', wederom samen met brother John. Een mooie verzameling Satie-stukken, bewerkt voor dwarsfluit en gitaar. Voor de liefhebber van klassieke muziek, dat wel. Peter Swart
Wat een week … CD
Advent - Cantus Firmus (2006)
Stijlkenmerken uit klassieke …
…. en religieuze muziek doordesemd met significante invloed van Gentle Giant en een eigen interpretatie, leverden een uitmuntend werkstuk op van het Amerikaanse Advent. Ik wijdde er al eerder een review aan (dBase ProgReviews file under A) en ben nog steeds onder de indruk. Absolute uitschieters zijn het tien minuten durende ‘Alison Waits (A Ghost Story)’ en het prachtige en ontroerende ‘Parenting Parents’. Uitschieters, maar per saldo staan er geen zwakke tracks op dit album. Advent is een onder- schatte band die teveel in de schaduw opereert en zich marketing-tech- nisch beter in de markt zou moeten (laten) zetten. Ik kijk reikhalzend uit naar een vervolg op ‘Cantus Firmus’. JoJo (wat een week 19)
Genesis - The Box 1976-1982 (2007)
Label: Virgin Records
Bandsite: www.genesis-music.com
Duur: lang
Reviewer: Arjan Bom
Waardering: (uit max. 5 JoJo's)
Nadat in de jaren '80 de cd in opmars kwam, stonden vele lp-verzamelaars zoals ik voor een moeilijke keuze. Overstappen of niet. Het bleek dat nieuwe uitgaven steeds moeilijker op lp te vinden waren, dus uiteindelijk kwam de cd-speler in huize Bom. En na enige tijd werd er begonnen met het vervangen van de lp's door die nieuwe schijfjes. Natuurlijk kwam ook mijn favoriete band Genesis aan de beurt. Bijna al mijn trouwe, grijsgedraaide
Genesis-lp's konden naar 'De Plaatboef'. Maar toen begon het uitmelken van de fans pas echt. In de eerste helft van de jaren '90 kwam het gehele oeuvre wederom op de markt, deze keer als 'definitive edition remasters'! Tja, dat kan je als echte fan toch niet voorbij laten gaan. En nu, in 2007, mogen de liefhebbers opnieuw hun portemonnee trekken voor muziek die ze wellicht al drie keer eerder hebben gekocht. Toen ik van deze nieuwe 'worp' hoorde, was ik dan ook opmerkelijk resoluut: "No way!!!" Maar toen ik een en ander in de winkel zag liggen begon de twijfel al toe te slaan. Het thuisfront drukte me nog heel even met mijn neus op de feiten ("Een box van Genesis? Is er dan nog een noot die je niet van die mannen hebt gehoord?"), maar het kwaad was eigenlijk al geschied. Op dit moment knalt 'Dance on a Volcano' door de boxen....
Maar goed, is het gebodene het geld waard? Ik zal proberen te beschrijven waarom ik in ieder geval toch blij ben met deze box. Bij zo'n box als deze gaat het wat mij betreft om drie hoofdzaken: de muziek, het geluid en de extra's. Hoewel de muziek bij de meeste geïnteresseerden toch wel bekend zal zijn, zal ik de drie hoofdzaken toch maar één voor één nalopen.
De muziekAls in 1976 'A Trick of the Tail' uitkomt zijn vele Genesis-fans even opgelucht als enthousiast. Er is leven na Peter Gabriel! Vooral kant 1 van de 'oude' lp is fenomenaal. Luister eens naar een nummer als 'Entangled'. Dat prachtige gitaarwerk van Mike Rutherford en vooral Steve Hackett, het superieure toetsenwerk van Tony Banks. En Phil Collins heeft het als zanger verrassend goed opgepakt. Een jaar later al ligt 'Wind & Wuthering' in de winkels. Ik weet nog dat er in mijn omgeving destijds levendige discussies waren over welk album beter was, 'Trick' of 'Wind'. Men kwam er niet echt uit. Maar duidelijk is dat ook deze plaat weer een topper was. Helaas bleek het de laatste studio-lp met Steve Hackett te zijn. Zijn vertrek is duidelijk merkbaar op '...And then there were three...' Maar het is niet alleen het ontbreken van zijn gitaarwerk dat stoort, het is vooral de opzet van dit album dat mij tegenstaat. Het is allemaal zo gestructureerd, al het avontuur is weg uit de muziek. Hardere songs en ballads komen om en om aan de beurt en binnen de tracks volgen de coupletten en refrijnen elkaar ook al keurig volgens de regels van de kunst op. Gelukkig zijn er nog wel een paar aardige nummers ('Down and Out' en 'Burning Rope' met name) zodat het niet alleen maar kommer en kwel is. 'Duke' begint gelukkig een stuk veelbelovender. Maar na een paar nummers begin ik mij toch weer te irriteren. En dan met name aan oude held Tony Banks. Waar hij in het verleden altijd had uitgeblonken door inventief gebruik van een groot aantal diverse keyboards, word je op 'Duke' vooral 'getrakteerd' op het vervelende geluid van de elektrische piano. Jammer, deze plaat had veel beter kunnen zijn als men wat meer werk van de arrangementen had gemaakt. Maar goed, het was altijd nog beter dan de laatste 'originele' schijf uit de box, 'Abacab'. Er is in het verleden al genoeg over dit treurige werkstuk geschreven maar toch ... Als ik nu weer zo'n track als 'Who Dunnit' hoor..., wat een narigheid. En dan hebben we het nog niet gehad over 'No Reply at all' met die blazers. Met de 'oude' Genesis heeft het in ieder geval niets meer te maken. Vreemd genoeg breken voor Collins, Banks en Rutherford nu de gouden jaren aan, terwijl een groot deel van de fans het na 'Abacab' toch echt voor gezien houdt.
Het geluidDaar kan ik kort over zijn: fantastisch! En dan heb ik niet eens een Super Audio-speler. Omdat mijn kinderen de muziek van papa vooral heel saai vinden, ben ik gedwongen om vooral plaatjes te draaien op mijn discman met de koptelefoon op. Maar wat klinkt de muziek kraakhelder. En ook het geluid van de DVD-schijf is helemaal top, terwijl ik niet eens een superieure DVD-installatie bezit.
De extra'sIn de box zit een boekwerk met twee discs. Het boekje is aardig, maar niet spectaculair. Vooral niet als je ook al in het bezit bent van 'Archives # 2'. Er zijn namelijk veel overeenkomsten tussen de verhalen bij de verschillende albums bij beide boxen. Op de extra cd/sacd staan vooral de studionummers van de genoemde 'Archives-box'. Er zijn wel twee tracks toegevoegd die die box niet gehaald hebben. Het gaat om 'Match of the Day' (van de ep. 'Spot the Pigeon', gevuld met outtakes van 'Wind & Wuthering') en 'Me and Virgil' (stond oorspronkelijk op kant 4 van 'Three Sides Live'). In het boekje geven de heren van Genesis aan dat ze zelf niet echt onder de indruk zijn van deze nummers, maar ik vind ze wel aardig. Er staan wel mindere nummers op ('Paperlate' en 'Naminanu' bijvoorbeeld).
Iedere cd/sacd is voorzien van een tweede schijf. Daar staat een DVD-versie (DTS of Dolby Digital naar keuze) van de betreffende plaat èn DVD audiomateriaal op. En dat vind ik nog het meest interessant. Behalve de nodige videoclips en interviews met de band, zijn er vooral op 'A Trick of the Tail' en 'Duke' delen van concerten te zien. Met name 'Genesis in Concert' uit 1976, met Bill Bruford op slagwerk, is geweldig. Alleen deze beelden maken wat mij betreft de aankoop al helemaal waar. Ruim veertig minuten prachtige opnames, waarbij het spelplezier er vanaf druipt. Heerlijk. Wat dat betreft valt het op dat de heren tijdens de 'Duke-tour' wel iets zakelijker overkomen. Vergelijk bij beide concerten de inbreng van bijvoorbeeld Mike Rutherford eens. Opvallend. De videobeelden op de extra schijf van 'Wind & Wuthering' vallen echter tegen. Zoals vermeld gaat het om bootlegmateriaal en dat is het dan ook zondermeer. Jammer.
Al met al is er genoeg kritiek op deze uitgave te leveren en ik heb dat dacht ik niet nagelaten. Toch ben ik er blij mee. Vooral het geluid en het concertmateriaal springen er uit. Mensen die dit toch te karig vinden, kunnen altijd nog besluiten om de losse albums te kopen. Vooral 'A Trick of the Tail' lijkt mij verplichte kost. Je mist dan wel het boekje en de extra tracks. Ik wens u veel wijsheid en een goedgevulde portemonnee toe. Arjan Bom (05-2007)Bezetting:Tony Banks - keyboards, 12 string guitars, backing vocals
Phil Collins - drums, lead and backing vocals
Michael Rutherford - bass, bass pedals, (12 String) guitars
Steve Hackett - guitars
Discografie:
From Genesis to Revelation (1969)
Trespass (1970)
Nursery Cryme (1972)
Foxtrot (1972)
Live (1973)
Selling England by the Pound (1973)
The Lamb Lies Down on Broadway (1974)
Trick of the Tail (1976)
Wind and Wuthering (1977)
Seconds Out (1977)
...And Then There Were Three (1978)
Duke (1980)
Abacab (1981)
Three Sides Live (1982)
Genesis (1983)
Invisible Touch (1986)
We Can't Dance (1991)
The Way We Walk Vol. 1: The Shorts (1992)
The Way We Walk Vol. 2: The Longs (1993)
Calling All Stations (1997)
Genesis Archive 1967-1975 (1998)
Genesis Archive 1976-1992 (2000)
The Box 1976-1982 (2007)
Wat een week ... CD
Klaatu - Klaatu/Hope (1976/1977)
Mysterieuze band ...
... doordat er geen namen van de muzikanten op de hoes stonden en omdat tegelijkertijd het gerucht de ronde deed dat het The Beatles zouden zijn. Paul McCartney 'blew' immers 'his mind out in a car' en de oorspron- kelijke masters van de opvolger van 'Revolver' zouden zijn kwijtgeraakt. Op het eerste album van Klaatu doken zij zogenaamd weer op en zou McCartney's plaats zijn opgevuld door een onbekende zanger. Allemaal niet waar - de namen van de bandleden zijn inmiddels bekend - en dat kon iedereen natuurlijk zelf ook wel horen. Luister naar het overigens geweldige symfonische 'Calling Occupants of Interplanetary Craft' en je hoort direct dat het The Beatles niet zijn. 'Klaatu' en 'Hope' zijn nog steeds twee topalbums waarop ook 'Sub-Rosa Subway' en 'Around the Universe in Eighty Days' imponeren. JoJo (wat een week 18)
Marillion – Somewhere Else (2007)
Label: Intact Records
Bandsite: www.marillion.com
Duur: 50:06
Reviewer: JoJo
Waardering: (uit maximaal 5 JoJo’s)
Marillion kent een periode voor en na Fish. Er zijn verstokte fans van het eerste uur die nog steeds niet kunnen verkroppen dat Fish er niet meer bij is en dat er indertijd een muzikaal-inhoudelijke wending is gemaakt. Ik behoor niet tot die groep. Hoe zeer ik de begintijd ook waardeer, de tijd gaat verder en een goede band zorgt ervoor niet stil te staan in haar ontwikkeling. We spreken tenslotte wel over 'progressieve' rock. Bovendien heeft Fish als solo-artiest veel moois opgeleverd. Helaas vind ik het post-Fish tijdperk van Marillion erg wisselvallig, zowel over de albums heen als per album. Matige albums zagen het licht zoals ‘Radiation’, 'Afraid of Sunlight' en ‘Marillion.com’. Maar ook sterkere werkstukken zoals ‘Brave’ en ‘Marbles’, al zijn op die albums altijd wel één of twee dubieuze tracks te vinden.
En dan nu nieuweling ‘Somewhere Else’. Laat ik mij maar niet bezondigen aan verdere omwegen en de klap maar direct uitdelen: het is een zeer matig album. Daar voer ik de volgende argumenten voor aan:
- er zit absoluut geen spanning in het album. Het suddert en zeurt maar door met tracks die grotendeels eenzelfde opbouw kennen;
- de zang van Hogarth gaat er niet op vooruit en is desondanks veel te dominant aanwezig. Er moet zoveel tekst worden verwerkt dat de muziek naast Hogarth’s stem nauwelijks een kans krijgt;
- daarmee samenhangend zijn de bijdragen van Rothery op gitaar en Kelly op keys erg flets en beperken zich tot het spelen van ondersteunende partijen zodat solo’s nauwelijks voorkomen;
- het merendeel der composities is zwak en saai zoals ‘See it like a Baby’, ‘Thankyou Whoever You are’ en ‘Most Toys’.
Valt er dan niets te genieten op ‘Somewhere Else’? Als je een loep neemt dan vind je altijd wel iets. Zo is opener ‘The Other Half‘ aardig en raakt ‘A Voice from the Past’ mij wel, zowel tekstueel als muzikaal. Maar daar is dan ook alles mee gezegd. Bij meerdere draaibeurten gaan albums vaak meer leven en worden beter. In dit geval geldt het tegenovergestelde: hoe vaker ik het draai, hoe slechter het wordt.
Ergerlijk vind ik voorts de irritant commerciële pogingen van de band om de fans aan zich te binden. Kwam dat bij ‘Marbles’ tot uiting in twee versies van eenzelfde album, hier wordt op de laatste bladzijde van het boekje reeds aangekondigd dat we ons al kunnen inschrijven voor het vijftiende album dat in de lente van 2008 zal verschijnen! Hoe verzin je het. De releaseperiode weet men blijkbaar nu al en dat vind ik, redenerend vanuit inhoudelijke en creatieve redenen, uitermate vreemd. Zijn de tracks al klaar? Of zetten we de lopende band aan en dan rollen er vast wel op tijd een paar composities af? Een voorinschrijving voor over een jaar …... brrrr.
Marillion moet weer op zoek gaan naar een platenmaatschappij en het grotendeels eigen beheer van zich afwerpen. Een hijgende platenbobo in je nek dat scherpt de geest, dat houd je wakker. En als je wakker bent kom je tot hogere kwaliteit. Het getal '14' is in de hoes, 'Somewhere Else' is immers het veertiende album, met rode en witte rozen opgemaakt als ware het een doodsboeket. Het boeket als onbedoelde (?) profetie want als Marillion op deze voet doorgaat is zij ten dode opgeschreven. JoJo (05-2007)
Bezetting:
Steve Hogarth - vocals
Mark Kelly - keyboards
Ian Mosley - drums, percussion
Steve Rothery - guitars
Pete Trewavas - bass
Discografie:
Script For A Jester's Tear (1983)
Fugazi (1984)
Misplaced Childhood (1985)
Clutching At Straws (1987)
B' Sides Themselves (1988)
The Thieving Magpie - La Gazza Ladra (1988)
Seasons End (1989)
Holidays in Eden (1991)
Brave (1994)
Afraid of Sunlight (1995)
Made Again (1996)
This Strange Engine (1997)
Radiation (1998)
Tales from the Engine Room (1998)
Marillion.com (1999)
Marillion.co.uk (2000)
Anoraknophobia (2001)
Anorak in the UK Live (2002)
Marbles (2004)
Marbles Live (2005)
Somewhere Else (2007)